Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/216
Personen- en familierecht. Ontzegging omgang ouder en kind (art. 1:377a BW); motiveringsplicht; proportionaliteit.
HR 16-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:61
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 januari 2026
- Magistraten
Mrs. H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, K. Teuben
- Zaaknummer
25/00915
- Conclusie
A-G mr. L.M. Coenraad
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Gezag en omgang
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:61, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑01‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1137, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑10‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑03‑2025
- Wetingang
Art. 1:377a BW; art. 8 EVRM
Essentie
Personen- en familierecht. Ontzegging omgang ouder en kind (art. 1:377a BW); motiveringsplicht; proportionaliteit.
Samenvatting
Ingevolge art. 1:377a lid 1 BW heeft een kind het recht op omgang met zijn ouder en heeft de niet met het gezag belaste ouder het recht op en de verplichting tot omgang met zijn kind. Het recht op omgang is een fundamenteel onderdeel van het in art. 8 EVRM verankerde recht op ‘family life’. Art. 8 lid 2 EVRM eist voor het aanbrengen van beperkingen op het recht op omgang dat dit bij wet is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.