Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/767
Een strafrechtelijke transactie a.b.i. art. 74 Sr kan in beginsel worden vernietigd met beroep op civielrechtelijke bepalingen over bedrog en dwaling.
HR 13-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:898
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 juni 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, M.J. Borgers, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/01027
- Conclusie
A-G mr. G. Snijders
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:898, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑06‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:316, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑03‑2024
- Wetingang
Essentie
Strafrecht. Overeenkomstenrecht. Een strafrechtelijke transactie als bedoeld in art. 74 Sr kan in beginsel worden vernietigd met een beroep op overeenkomstige toepassing van de civielrechtelijke bepalingen over bedrog en dwaling.
Samenvatting
De in art. 74 Sr bedoelde transactie is een publiekrechtelijke overeenkomst, die berust op wilsovereenstemming tussen het openbaar ministerie en de verdachte. Het Wetboek van Strafrecht (WvSr) bevat geen regeling die bepaalt of en, zo ja, onder welke omstandigheden een dergelijke transactie kan worden vernietigd met een beroep op een wilsgebrek, in het bijzonder bedrog of dwaling. Er is echter geen bepaling van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.