Het akkoord
Einde inhoudsopgave
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/2.3.9:2.3.9 Voor- en nadelen akkoord voor de schuldeisers
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/2.3.9
2.3.9 Voor- en nadelen akkoord voor de schuldeisers
Documentgegevens:
Mr. A.D.W. Soedira, datum 25-02-2011
- Datum
25-02-2011
- Auteur
Mr. A.D.W. Soedira
- JCDI
JCDI:ADS443627:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Ten opzichte van de concurrente schuldeisers kan eigenlijk niet worden gesproken van een echt voordeel. Bekeken wordt wat voor hen in de gegeven omstandigheden het minst nadelige scenario zal zijn.
Zie voor de vereisten art. 145/268 Fw. In paragraaf 5.5.4 wordt hierop uitgebreider ingegaan.
Zie paragraaf 5.2.
Zie nader paragraaf 6.8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voordelen schuldeisers1
Schuldeisers zullen veelal bereid zijn voor een akkoord te stemmen,2 indien aannemelijk is dat zij in geval van liquidatie en vereffening minder op hun vordering zullen ontvangen. Bovendien kan een afwikkeling van een faillissement lang duren, waarbij schuldeisers nog maar moeten zien of ze na afloop überhaupt wat zullen ontvangen. Met een akkoord weten de concurrente schuldeisers direct waar ze aan toe zijn. Dat er geen sprake is van een langdurige afwikkeling betekent ook dat er minder kosten zullen worden gemaakt, waardoor de kans bestaat dat er een hogere uitkering aan schuldeisers kan worden gedaan. De snelheid waarmee een faillissement door middel van een akkoord kan worden beëindigd ten opzichte van een vereffening is ook een voordeel dat schuldeisers aanspreekt.
Voor concurrente schuldeisers die langlopende contracten hebben gesloten met een failliete rechtspersoon, kan het behoud van de rechtspersoon een voordeel zijn. Na sanering door een akkoord kunnen de duurovereenkomsten met de in stand gebleven rechtspersoon worden voortgezet. Dit voordeel speelt in het bijzonder bij die schuldeisers die voor hun eigen broodwinning afhankelijk zijn van de gefailleerde rechtspersoon.
Indien sanering van een rechtspersoon met behulp van een akkoord plaatsvindt, hebben concurrente schuldeisers een 'eigen stem' in het reorganisatieproces. Voor het kunnen aannemen van een akkoord is immers een gewone meerderheid (art. 145/268 Fw) van stemmen vereist. Concurrente schuldeisers hebben in dat geval de mogelijkheid - ook al is het een beperkte - hun stem te laten horen door zich voor of tegen het akkoord uit te spreken. Bij sanering door middel van een activatransactie/sterfhuisconstructie worden concurrente schuldeisers zonder meer buitenspel gezet.
Ten slotte zij opgemerkt dat in de rechtspraktijk de preferente3 schuldeisers (fiscus en UWV) veelal bij de totstandkoming van een akkoord worden betrokken.4 De bereidheid van preferente schuldeisers om in het kader van de sanering ook een veer te laten, kan voor concurrente schuldeisers één van de redenen zijn voor een akkoord te stemmen.
Nadelen schuldeisers
Indien de schuldenaar zijn schuldeisers niet volledig voldoet, zullen de schuldeisers de niet-voldane gedeelten van hun vorderingen op de schuldenaar moeten afboeken als oninbaar. Indien het faillissement wordt beëindigd door een akkoord, blijven in beginsel de niet-voldane gedeelten van de vorderingen over als natuurlijke verbintenissen.5 Nadat het faillissement is geëindigd, kunnen de schuldeisers de schuldenaar niet langer aanspreken voor de niet-voldane gedeelten van hun vorderingen. Dit is anders in geval het faillissement wordt beëindigd door het verbindend worden van de slotuitdelingslijst (art. 193 Fw). Ingevolge art. 195 Fw herkrijgen de schuldeisers nadat het faillissementsbeslag is opgeheven, hun rechten tegen de schuldenaar voor de onvoldaan gebleven gedeelten van hun vorderingen.