Einde inhoudsopgave
Transparante en eerlijke verdeling (Meijers-reeks) 2015/5.3.1
5.3.1 Inleiding
A. Drahmann, datum 01-07-2014
- Datum
01-07-2014
- Auteur
A. Drahmann
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Voetnoten
Voetnoten
O.a. HvJ EU 10 maart 2011, nr. C-274/09, Stadler/Passau en het arrest van 18 juli 2007 (nr. C-382/05) waarin het Hof oordeelt: ’(…) dat de definitie van een overheidsopdracht voor dienstverlening tot het gebied van het gemeenschapsrecht behoort, zodat de kwalificatie van de litigieuze overeenkomsten naar Italiaans recht irrelevant is voor de beoordeling of deze overeenkomsten binnen de werkingssfeer van richtlijn 92/50 vallen (…).’
Zie bijv. ABRvS 23 november 2011, LJN BU5444.
Zie hierover ook de Conclusie van A-G Bot van 17 december 2009 bij het Betfair-arrest (nr. C-203/08). Vgl. ook HvJ EU 19 juli 2012, nr. C-470/11, AB 2012/324, m.nt. A. Drahmann.
Het Hof van Justitie stelt in het Betfair-arrest dat het gesloten vergunningstelsel van de Wks verschilt van een concessieovereenkomst, maar dezelfde gevolgen heeft. Het Hof beoordeelt de vraag of sprake is van een ’opdracht’ of ’concessie’ uitsluitend op basis van het Unierecht.1 Daarom zal ik nu achtereenvolgens ingaan op de ’opdracht’ (5.3.2) en de ’concessie’ (5.3.3). Daarna komen de verschillen tussen een opdracht en een concessie aan de orde (5.3.4). Vervolgens zal worden ingegaan op de begrippen ’exclusief recht’ en ’uitsluitend recht’ (5.3.5).
Gelet op het feit dat het Betfair-arrest betrekking heeft op het verrichten van een dienst (kansspelaanbod) en niet op een werk of levering, wordt hierna met name ingegaan op concessieovereenkomsten voor diensten. Ook merk ik voor de vraag naar de mogelijke gevolgen van het Betfair-arrest hier op dat het vweu alleen van toepassing is bij grensoverschrijdendheid. De verdragsbepalingen inzake het vrij verkeer van diensten zijn niet van toepassing bij zuiver interne situaties.2 De vraag wanneer sprake is van een zuiver interne situatie mag echter niet te terughoudend worden beantwoord.3 In dit artikel wordt een aantal nationale vergunningstelsels in algemene zin beschreven. Daarbij wordt er dus van uitgegaan dat er in beginsel sprake is van een grensoverschrijdend element en het vweu dus van toepassing is. Verder kan met reden de vraag worden gesteld of het wenselijk is dat bij grensoverschrijdende situaties andere normen (zoals een transparantiebeginsel) zouden gelden dan bij zuiver interne situaties. Beantwoording van die vraag gaat het bestek van deze bijdrage te buiten. Wel kan ook dit aanknopingspunt zijn om het transparantiebeginsel van belang te achten zonder dat het Unierecht van toepassing is.