Billijkheidsuitzonderingen
Einde inhoudsopgave
Billijkheidsuitzonderingen (SteR nr. 40) 2018/3.2:3.2 Eisen aan billijkheidsuitzonderingen op formele wetsbepalingen
Billijkheidsuitzonderingen (SteR nr. 40) 2018/3.2
3.2 Eisen aan billijkheidsuitzonderingen op formele wetsbepalingen
Documentgegevens:
mr. F.S. Bakker, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. F.S. Bakker
- JCDI
JCDI:ADS358284:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het verschil tussen ‘toetsing’ en ‘billijkheidsuitzonderingen’ wordt uitgelegd in hoofdstuk 1, par. 1.3.
HR 14 april 1989, ECLI:NL:HR:1989:AD5725, NJ 1989/469, m.nt. M. Scheltema.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 120 Gw sluit volgens de Hoge Raad toetsing1 van formele wetsbepalingen aan fundamentele rechtsbeginselen uit.2 Wel mag de wet in een individueel geval op grond van fundamentele rechtsbeginselen buiten toepassing worden gelaten vanwege door de wetgever niet-verdisconteerde omstandigheden; dat zijn billijkheidsuitzonderingen. Deze zijn volgens de Hoge Raad toegestaan als de niet-verdisconteerde omstandigheden strikte wetstoepassing zozeer in strijd doen zijn met fundamentele rechtsbeginselen, algemene rechtsbeginselen of (ander) ongeschreven recht, dat toepassing achterwege moet blijven (par. 3.2.1). De term ‘verdisconteerd’ moet begrepen worden in de context van rechtsoverweging-3.9-Harmonisatiewet. Hoe algemeen of specifiek de omstandigheden worden afgebakend is bepalend voor of zij zijn verdisconteerd (par. 3.2.2). De kans dat omstandigheden niet zijn verdisconteerd is groter naarmate de wet sterker verouderd is (par. 3.2.3).
Ook wettelijke uitzonderingen mogen vanwege artikel 120 Gw slechts worden gemaakt vanwege niet-verdisconteerde omstandigheden (par. 3.2.4), en de eis geldt volgens mij ook voor corrigerende interpretatie (par. 3.2.5).
Bij buiten toepassing laten krachtens artikel 94 Gw gelden andere constitutionele voorwaarden (par. 3.2.6).
3.2.1 Ongeschreven billijkheidsuitzonderingen en artikel 120 Gw3.2.2 ‘Verdisconteerde omstandigheden’3.2.3 Actualiteit van de wet is van belang3.2.4 Wettelijke billijkheidsuitzonderingen en artikel 120 Gw3.2.5 Artikel 94 Gw en artikel 120 Gw3.2.6 Corrigerende interpretatie van formele wetsbepalingen3.2.7 Conclusie over de eisen aan billijkheidsuitzonderingen op de formele wet