De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV
Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/6.5.3.6:6.5.3.6 Het recht van instemming
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/6.5.3.6
6.5.3.6 Het recht van instemming
Documentgegevens:
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS388948:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hier dient zich de parallel aan met het aan certificaathouders ontnemen van vergaderrecht, zie paragraaf 6.3.3.4.
Dortmond 2012 (2), p. 462.
Asser/Maeijer & Van den Ingh 2-III 2000, nr. 542 en C.A. Schwarz, Groene Serie Rechtspersonen, art. 2:122 BW, aant. 2, Deventer: Kluwer. Anders: Van Schilfgaarde & Winter 2009, p. 378.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De houder van een participatiebewijs heeft geen zeggenschapsrechten. Om hem toch enige bescherming tegen afbreuk van zijn financiële rechten te bieden, geldt art. 2:232 BW. Dat artikel bepaalt dat wijziging van een bepaling van de statuten, waarbij aan een ander dan aan aandeelhouders van de vennootschap als zodanig enig recht toegekend is, indien de gerechtigde in de wijziging niet toestemt, aan diens recht geen nadeel kan toebrengen, tenzij ten tijde van de toekenning van het recht de bevoegdheid tot wijziging bij die bepaling uitdrukkelijk was voorbehouden. De hoofdregel is aldus dat de houder van een participatiebewijs moet instemmen met een statutenwijziging die nadeel aan zijn rechten toebrengt, tenzij de wijzigingsbevoegdheid bij de uitgifte van het participatiebewijs reeds is voorbehouden.1 Stemt de houder van een participatiebewijs niet in, dan is de statutenwijziging niet op hem van toepassing.2 De statuten kunnen echter wel gewijzigd worden. Een besluit daartoe is wegens het ontbreken van instemming niet nietig. In de literatuur wordt verdedigd dat het artikel alleen ziet op financiële, statutaire rechten, maar een eenduidige opvatting is er niet.3 Voor het participatiebewijs is die discussie mijns inziens minder relevant, omdat aan de houder van een participatiebewijs in de regel slechts financiële rechten zijn toegekend. Ook in art. 2:232 BW komt de statutaire basis van het participatiebewijs tot uitdrukking.