Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/2.5.5.4
2.5.5.4 IOSCO- en Joint Forum-richtlijnen
mr. drs. P. Laaper, datum 31-08-2015
- Datum
31-08-2015
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS599894:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
IOSCO-richtlijnen 2005, p. 3 en Joint Forum-richtlijnen 2005, principle II. Er is een zeer grote mate van overlap tussen de lijsten met steuncriteria van de IOSCO en van het Joint Forum. Het steuncriterium onder d staat evenwel slechts in de IOSCOrichtlijnen 2005 genoemd.De steuncriteria onder i en j staan slechts in de Joint Forumrichtlijnen 2005 genoemd.
Als voorbeed wordt gegeven de situatie dat meerdere dienstverleners met elkaar moeten samenwerken om een uitbestede functie te verrichten.
De richtlijnen van het Joint Forum en de IOSCO bevatten een (niet-limitatieve) lijst van steuncriteria, die zijn bedoeld als hulp bij het bepalen welke uitbestedingen wezenlijk zijn. Die bedoeling is niet helemaal geslaagd, maar de lijst biedt toch bruikbare handvatten. Op de (beperkingen aan de) bruikbaarheid ga ik hierna in. De lijst bevat de volgende criteria:1
de financiële en operationele consequenties alsook eventuele reputatieschade wanneer de dienstverlener tekortschiet;
hoe de uitbesteding de mogelijkheden van de uitbesteder beïnvloedt om te voldoen aan de op haar rustende wettelijke verplichtingen, ook wanneer deze verplichtingen wijzigen;
de mogelijke schade voor cliënten van de uitbesteder wanneer de dienstverlener tekortschiet;
de mate waarin een tekortschieten van de dienstverlener van invloed is op de eigen dienstverlening aan cliënten;
de omvang van de kosten;
het bestaan van groepsverbanden tussen de uitbesteder en de dienstverlener;
de vraag of de dienstverlener zelf onder (financieel) toezicht staat;
hoe moeilijk het is en hoeveel tijd het kost om, zo nodig, een alternatieve dienstverlener te vinden of de uitbestede activiteiten weer zelf te verrichten;
de mate waarin de uit te besteden activiteiten verknoopt zijn met andere activiteiten van de uitbesteder;
de complexiteit van de uitbestedingsconstructie.2