Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/2.3
2.3 Een gemeenschappelijk systeem
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS595232:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
IOSCO Delegation of functions 2000. Dit rapport betreft uitbesteding door beheerders van beleggingsinstellingen. Het rapport bouwt voort op een IOSCO-rapport uit 1994 (IOSCO Report on investment management 1994). Het rapport uit 1994 bevatte al de meeste – maar niet alle – belangrijke elementen die ook in het IOSCO-rapport uit 2000 terug komen. Voor de volledigheid meld ik nog dat reeds de eerste Icbe-richtlijn, uit 1985, een rudimentaire uitbestedingsregeling bevatte waarin een deel van dit uitgangspunt naar voren kwam. Zij bevatte (uitsluitend) voor bewaarders een aansprakelijkheid jegens de icbe, diens beheerder en diens deelnemers (art. 7, lid 2 en art. 16, lid 2, Icbe 1-richtlijn). Een verantwoordelijkheid jegens de toezichthouder was nog niet in beeld.
Het uitgangspunt van de Nederlandse uitbestedingsregels is in de wetsgeschiedenis wel herkenbaar, maar niet bijzonder duidelijk geëxpliciteerd. Ik begin daarom met het “moederdocument” inzake de uitbestedingsregels: het IOSCO-rapport uit 2000.1
2.3.1 Het oorspronkelijke uitgangspunt2.3.2 Het uitgangspunt in andere regelingen2.3.3 Brievenbusmaatschappijen2.3.4 Proportionaliteit