De intrekking van beschikkingen, mede in Europees en rechtsvergelijkend perspectief
Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.16.2.3.2:IV.16.2.3.2 Afbakening
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.16.2.3.2
IV.16.2.3.2 Afbakening
Documentgegevens:
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS376517:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het vervolg van dit deel wordt alleen stilgestaan bij de §§ 48 en 49 VwVfG. Zoals gezegd wordt de kern van de intrekkingsregeling gevormd door deze paragrafen. § 50 VwVfG wordt kort aangestipt in paragraaf 16.3.3.
Buiten beschouwing blijven de bepalingen over terugvordering en de verplichting tot teruggave van documenten of zaken welke horen bij een beschikking die reeds is ingetrokken (respectievelijk § 49a en 52 VwVfG). De reden hiervoor is erin gelegen dat beide bepalingen pas een rol spelen nadat een beschikking is ingetrokken. Zij zijn, met andere woorden, niet bepalend voor de vraag of, en zo ja, onder welke voorwaarden een beschikking mag worden ingetrokken. Hoewel zij wel raken aan het thema van dit boek, zijn zij voor de kernvraag niet relevant. Om deze reden wordt aan beide bepalingen geen aandacht besteed. Ook § 51 VwVfG blijft in dit deel buiten beschouwing. Zoals gezegd lijkt deze bepaling in sterke mate op art. 4:6 Awb. Laatstgenoemde bepaling is bij bespreking van het Nederlandse stelsel inzake intrekking buiten beschouwing gelaten, dus wordt ook de Duitse variant hier niet verder behandeld.