Natrekking door onroerende zaken
Einde inhoudsopgave
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/7.3:7.3 De invloed van verkrijging door verjaring op een op het verkregene gevestigd recht van hypotheek
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/7.3
7.3 De invloed van verkrijging door verjaring op een op het verkregene gevestigd recht van hypotheek
Documentgegevens:
P.J. van der Plank, datum 01-05-2016
- Datum
01-05-2016
- Auteur
P.J. van der Plank
- JCDI
JCDI:ADS483099:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Bijzondere onderwerpen
Goederenrecht / Eigendom, bezit en houderschap
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Stel: A is eigenaar van een stuk grond. A verkeerde (ten onrechte) in de veronderstelling dat zijn eigendomsrecht zich mede uitstrekt over een strook grond die hij in bezit heeft, maar die in eigendom toebehoort aan buurman B. Na verloop van twintig jaar verkrijgt A op grond van art. 3:105 j° 306 BW door verjaring. Gedurende de verjaringstermijn heeft A een recht van hypotheek gevestigd op zijn grondstuk. Buurman B, bij wie op grond van de extinctieve verjaring eigendomsverlies heeft opgetreden, had echter op zijn perceel ook een recht van hypotheek gevestigd.
Strekt het recht van hypotheek dat A vestigde zich mede uit over hetgeen hij door verjaring verkreeg? Hoe zit het met het hypotheekrecht dat B hierop vestigde? Voor het antwoord op deze vragen is het van belang te weten wanneer de bezitter het recht dat hij door verjaring verkregen heeft, verkrijgt. Is dit vanaf het moment dat de verjaringstermijn is verstreken (ex nunc)? Of heeft de verjaring terugwerkende kracht, zodat de verkrijger vanaf de aanvang van de verjaringstermijn reeds rechthebbende is geweest (ex tunc)?
7.3.1 Ex tunc of ex nunc?7.3.2 Verkrijging door verjaring werkt ex nunc