De huur van ongebouwde onroerende zaken: een leemte in de wet
Einde inhoudsopgave
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/7.2.6:7.2.6 Koop breekt geen huur
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/7.2.6
7.2.6 Koop breekt geen huur
Documentgegevens:
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar, datum 26-04-2016
- Datum
26-04-2016
- Auteur
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar
- JCDI
JCDI:ADS376454:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Bijzondere onderwerpen
Huurrecht / Verplichtingen huurder en verhuurder
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In paragraaf 3.2.1.4 heb ik geconcludeerd dat het onwenselijk is dat de regeling ‘koop breekt geen huur’ van artikel 7:226 BW bij de huur van ongebouwde onroerende zaken slechts van regelend recht is. In paragraaf 7.2 heb ik de definities van woonruimte, 230a-ruimte en 290-bedrijfsruimte uitgebreid met een aantal categorieën van ongebouwde onroerende zaken. Deze huurders hebben, zoals ik heb toegelicht, behoefte aan extra bescherming, met name als het gaat om de mogelijkheden voor de verhuurder om de huurovereenkomst te beëindigen. Het is niet de bedoeling dat de verhuurder aan de ene kant wordt beperkt in zijn mogelijkheden om de huurovereenkomst te beëindigen doordat (bijvoorbeeld) het regime van woonruimte of 290-bedrijfsruimte van toepassing is, terwijl hij aan de andere kant de mogelijkheid heeft om de huur te laten eindigen door de ongebouwde onroerende zaak te verkopen. De regeling ‘koop breekt geen huur’ moet voor de categorieën van ongebouwde onroerende zaken die onder de werking van de regimes van woonruimte, 230a-ruimte en 290-bedrijfsruimte zijn gebracht derhalve ook van dwingend recht worden. Artikel 7:226 lid 4 BW komt na deze wijziging te luiden als volgt:
‘Bij huur van een gebouwde onroerende zaak of een gedeelte daarvan, een ongebouwde onroerende zaak als bedoeld in de artikelen 233 leden 2 en 3, 230a lid 1 of 290 leden 2 en 3, alsmede van een woonwagen in de zin van artikel 235 en van een standplaats in de zin van artikel 236, kan niet van de voorgaande leden worden afgeweken.’