Het schuldige geheugen?
Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/III.6.1.1:III.6.1.1 Privacy als afscherming- en geheimhoudingsrecht
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/III.6.1.1
III.6.1.1 Privacy als afscherming- en geheimhoudingsrecht
Documentgegevens:
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS458001:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld S.D. Warren & L.D. Brandeis, ‘The right to privacy’, Harv. L. Rev. 1890, 5, p. 193-220 en W.L. Prosser, ‘Privacy’, Cal. L. Rev. 1960, 3, p. 383-423.
Zie bijvoorbeeld J.H. Moor, ‘Towards a Theory of Privacy in the Information Age’, Computers and Society 1997, 3, p. 27-32 en H.T. Tavani, ‘Philosophical Theories of Privacy: Implications for an Adequate Online Privacy Policy’, Metaphilosophy 2007, 1, p. 1-22.
J.H. Moor, ‘Towards a Theory of Privacy in the Information Age’, Computers and Society 1997, 3, p. 30.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de theorieën die de ratio ‘geheimhouden’ nader uitwerken, is het recht op respect voor privacy een afweerrecht. Het stelt de burger in staat om zich te verweren tegen gedragingen die een inbreuk maken op zijn eigendomsrecht, lichamelijke integriteit en/of waardoor informatie over hem bij derden bekend wordt. Grofweg zijn binnen de geheimhoudingsratio twee categorieën te onderscheiden: theorieën die het recht op respect voor privacy zien als een recht op afzondering (non intrusion upon seclusion-theorie1) en theorieën die het recht zien als zeggenschap over persoonlijke informatie (control- en limitedaccess-theorieën2). Bij de afzonderingstheorieën wordt de ratio geheimhouding heel letterlijk uitgewerkt. De mate van privacy van een burger is bij deze theorie afhankelijk van zijn fysieke en informationele afzondering van de buitenwereld. Bij de zeggenschapstheorieën speelt niet de afzondering van de buitenwereld als zodanig een rol van betekenis maar de zeggenschap over welke persoonlijke informatie met andere burgers en overheidsinstanties wordt gedeeld. Hierin zit dus een afzonderingsgedeelte (als informatie niet wordt gedeeld met derden) maar voegt daarnaast ook iets anders toe aan de afzonderingstheorie. Moor stelt dat privacy ‘has been evolving in the USform a concept of non-intrusion […] to limited information access’.3 De controle- en toegankelijkheidstheorieën zijn derhalve opgekomen nadat eerst de afzonderingstheorie (zowel in de literatuur als de Amerikaanse rechtspraak) leidend is geweest. Hieronder behandel ik daarom als eerste de afzonderingsbenadering en vervolgens de zeggenschapsbenadering. Ik bespreek eerst kort de theorieën, om daarna op tekortkomingen van de afzonderings- en zeggenschapsbenaderingen te wijzen.
III.6.1.1.1 AfzonderingstheorieIII.6.1.1.2 Zeggenschapstheorieën