Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/4.3.5.2:4.3.5.2 Conclusie onderscheid artikel 19 en 29 Btw-richtlijn
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/4.3.5.2
4.3.5.2 Conclusie onderscheid artikel 19 en 29 Btw-richtlijn
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS414511:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 29 Btw-richtlijn bestaat met name omdat ook onlichamelijke zaken onderdeel kunnen uitmaken van een overdracht van een algemeenheid van goederen. Aangezien bedrijfsoverdrachten in de regel uit een combinatie van lichamelijke en onlichamelijke zaken bestaan, en de regeling de afzonderlijke btw-kwalificatie van alle betrokken zaken nu juist onbepaald laat, is een strikt onderscheid tussen beide bepalingen onmogelijk en weinig zinvol. Wanneer uitsluitend of hoofdzakelijk onlichamelijke zaken worden overgedragen (zie bijvoorbeeld de voorbeelden die ik bespreek in paragraaf 5.4.4.2) komt eventueel afzonderlijk betekenis toe aan artikel 29 Btw-richtlijn. De redactie van artikel 37d Wet OB 1968, die zowel goederen als diensten omvat sluit beter aan bij de aard en toepassing van de regeling. In het vervolg van dit onderzoek zal ik het onderscheid ook op deze wijze aanbrengen. Waar sprake is van overdrachten die hoofdzakelijk of volledig bestaan uit onlichamelijke zaken verwijs ik naar artikel 29 Btw-richtlijn. In alle overige situaties verwijs ik uitsluitend naar artikel 19 Btw-richtlijn of artikel 37d Wet OB 1968, ongeacht of van een overgang ook onlichamelijke zaken deel uitmaken.