Het schuldige geheugen?
Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/I.2.2:I.2.2 De hersenen
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/I.2.2
I.2.2 De hersenen
Documentgegevens:
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS457991:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze beschrijving in dit hoofdstuk wordt vooral gebaseerd op S.M. Breedlove, N.V. Watson & M.R. Rosenzweig, Biological Psychology: An Introduction to Behavioral, Cognitive,and Clinical Neuroscience, 6th edition, Sunderland: MA: Sinauer Associates 2010 en J.P.J. Pinel, Biological Psychology, 6th edition, Boston: MA, Pearson Education 2006.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De neurogeheugendetectiemethode maakt de hersenen van een verdachte tot object van onderzoek. Voor de beoordeling of een persoon kennis over een strafbaar feit, in de zin van informatie over de plaats delict en het verrichten van de daad in zijn geheugen bezit (en zo eventueel te beoordelen of iemand daderkennis bezit), is het onder andere essentieel te weten welke hersenstructuren een rol spelen bij het creëren, opslaan en herinneren van informatie. In deze paragraaf volgt daarom een korte uiteenzetting over de organisatie en werking van hersenen.1 In deze paragraaf worden enkele deelvragen van het neuropsychologische deel beantwoord. De vragen die leidend zijn bij dit onderdeel zijn: (1) op welke wijze zijn de hersenen georganiseerd?; (2) welke kernen en structuren zijn daarin te onderscheiden?; (3) op welke wijze communiceren de verschillende hersendelen, -kernen en -structuren met elkaar? De behandeling volgt een trechtervorm, waarbij het grootste, fysieke deel als eerste wordt beschreven om vervolgens steeds specifieker toe te werken naar het cognitieve geheugenproces. In het vervolg wordt voor de beantwoording van de hierboven opgenomen deelvragen ingegaan op de indeling van de hersenen in hemisferen, schorsen en structuren en de communicatie binnen de hersenen.
Deze algemene informatie over de organisatie en werking van de hersenen vormt de basis voor het laatste deel van dit hoofdstuk. Na de generale beschrijving wordt specifiek ingezoomd op het geheugenproces waarbij de behandeling volgt van de vierde en vijfde deelvraag van het neuropsychologische deel, te weten: (4) welke hersendelen, -kernen en -structuren spelen een belangrijke rol bij geheugentaken? en; (5) op welke premisse is neurogeheugendetectie gebaseerd en op welke wijze wordt de test afgenomen? Bij neurogeheugendetectie staan namelijk niet de gehele hersenen centraal, maar wordt specifiek onderzoek gedaan naar delen van de hersenen die van belang zijn bij geheugentaken om te achterhalen of een persoon schuldige kennis bezit. Hiervoor is de lokalisatie van dit cognitieve proces naar bepaalde delen van de hersenen noodzakelijk. De lokalisatie van functies (in het geval van neurogeheugendetectie: het herinneren van bepaalde informatie) en de communicatie binnen de hersenen door elektrische signalen vormen de basis voor de test. Als laatste volgt een introductie in de neurogeheugendetectiemethode. De behandeling van de theoretische basis en hypotheses komen als eerste aan bod. Daarna wordt de afname van de test uiteengezet.
I.2.2.1 Neurobiologische organisatie: hemisferen, schorsen en structurenI.2.2.2 Communicatie binnen de hersenenI.2.2.3 Lokalisatie van hersenfunctiesI.2.2.4 Het geheugen