Einde inhoudsopgave
De grenzen van het recht op nakoming (R&P nr. 167) 2008/2.3.5.1
2.3.5.1 Inleiding
mr. D. Haas, datum 02-12-2008
- Datum
02-12-2008
- Auteur
mr. D. Haas
- JCDI
JCDI:ADS382370:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Furmston 2007, p. 798-799.
Collins 2003, p. 427.
Sharpe 1992, nr. 7.70 en 7.80.
Rules of the Supreme Court Order 52 en County Court Rules Order 29.
Sec. 14 (1) Contempt of Court Act 1981 en sec. 1 County Courts (Penalties for Contempt) Act 1984. Zie ook Andrews 2003, nr. 39.65, p. 937. Voorts kan de rechter de schuldeiser machtigen om de prestatie op kosten van de schuldenaar door een derde te laten verrichten en kan de rechter bepalen dat zijn uitspraak in plaats treedt van een wilsverklaring van de schuldenaar (Rules of the Supreme Court Order 45, r. 8 en sec. 39 Supreme Court Act 1981), zie Zuckerman 2006, nr. 22.103-22.104, p. 821-822.
'Contempt of court' wordt gezien als een 'quasi-criminial sanction', zie Guest & Ellinger 2006, nr. 12-114, p. 664.
Co-operative Insurance Society Ltd y Argyll Stores (Holdings) Ltd [1997] 3 All ER HL 297, op p. 302.
Zie par. 2.4.
Naar Engels recht heeft de schuldeiser geen recht op nakoming, maar staat het ter discretie van de rechter of hij de schuldenaar al dan niet tot nakoming veroordeelt.1 De rechter maakt met terughoudendheid gebruik van zijn bevoegdheid. In de jurisprudentie zijn evenwel lijnen ontstaan die inzicht geven in de wijze waarop de Engelse rechter zijn discretionaire bevoegdheid uitoefent.
Het subsidiaire karakter van nakoming in de `common law' kan deels historisch worden verklaard. `Specific performance' is ontstaan in de `equity' recht-spaak, die subsidiair was aan de reguliere `common law' rechtsgang die slechts de remedie van schadevergoeding kende. Hoewel beide rechtsgangen ruim honderdvijfentwintig jaar geleden zijn gefuseerd, is het huidige subsidiaire karakter van nakoming een erfenis van haar `equitable' wortels. Collins schrijft:2
A series of historical accidents deformed the legai principles governing the award of orders for compulsory performance, thereby rendering it almost impossible to discern the rationale behind the modern law.
De voorkeur in de `common law' voor schadevergoeding, komt in de eerste plaats voort uit het alles-of-niets karakter van nakoming dat de regels van het schadevergoedingsrecht, zoals de schadebeperkingsverplichting, doorbreekt.3
Een tweede reden waarom de Engelse rechter terughoudend is met het geven van een 'order for specific performance', is het ingrijpende karakter van die remedie. Als de schuldenaar geen uitvoering geeft aan de 'order for specific performance', kan de schuldeiser een procedure wegens `contempt of court' beginnen.4 Één van de sancties die de rechter — de county court en High Court — aan 'con-tempt of court' kan verbinden, is gijzeling voor maximaal twee jaar.5 Aan deze sanctie ontleent de 'order for specific performance' zijn strenge imago.6 Lord Hoffmann:7
The heavy-handed nature of the enforcement mechanism is a consideration which may go to the exercise of the court's discretion (...).
Ten slotte, wordt de achtergestelde positie van `specific performance' in de recentere literatuur ook op rechtseconomische argumenten gegrond. Een recht op schadevergoeding als primaire remedie is volgens sommige rechtseconomen efficiënter dan een recht op nakoming.8
In par. 2.3.5.2 schets ik de plaats van schadevergoeding en ontbinding in het Engelse recht. In par. 2.3.5.3 geef ik een overzicht op hoofdlijnen van de gronden op basis waarvan de rechter kan besluiten een veroordeling tot nakoming te geven. In par. 2.3.5.4 bespreek ik een aantal leerstukken die de schuldeiser, net als bij een `order for specific performance', de bevoegdheid verschaft een andere prestatie te vorderen dan schadevergoeding. In par. 2.3.5.5 bespreek ik het recht op nakoming in het kooprecht en bij aanneming van werk.