RvdW 2024/207:Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e lid 3 Sr. 1. Afwijzing van een bij appelschriftuur (in zaak van medeverdachte) gedaan en ttz. in hoger beroep gehandhaafd verzoek tot horen van getuige op de grond dat onderbouwing van verzoek weinig concreet is en niet duidelijk is wat getuige over kluswerkzaamheden zou kunnen verklaren. Is hof op ontoelaatbare wijze vooruitgelopen op hetgeen getuige zou kunnen verklaren? 2. Had hof verweer over omvang van w.v.v. moeten opvatten als uitdrukkelijk onderbouw standpunt a.b.i. art. 359 lid 2 Sv? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2024/206.