Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/2.2.3
2.2.3 Literatuur
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS582788:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
P.C. Vas Nunes en H.J. Funke, ‘Poortwachter: nieuwe lente of 1-aprilgrap?’, ArbeidsRecht 2002/48.
W.H.A.C.M. Bouwens en R.A.A. Duk, Van der Grinten. Arbeidsovereenkomstenrecht, Kluwer: Deventer 2008, p.120-123 (Van der Grinten).
Asscher-Vonk 2007, p.199-225.
Y. Hoekstra, ‘SUWI: private en publieke verantwoordelijkheden. Van inkomenszekerheid naar baanzekerheid.’, Sociaal Recht 2002, p.118.
E.J. Kronenburg-Willems, ‘SUWI en Poortwachter: meer reïntegratie?’, Sociaal Recht 2003, p.111.
Den Uijl, p.18.
S. Klosse, Socialezekerheidsrecht, Kluwer: Deventer 2012, p.152 en 302.
F.M. Noordam, Recht en reïntegratie, oratie 1987, Kluwer: Deventer 1987, p.7.
I. Janssen, noot onder JAR 2014/75.
M. Westerveld, ‘Klantgericht re-integratierecht. Een kijkje in de snoeptrommel van de overheid’, TRA 2009/76.
Veel schrijvers hebben hun licht laten schijnen over re-integratie maar er is maar mondjesmaat stilgestaan bij het definiëren van het begrip. Vas Nunes en Funke verzuchtten al dat het begrip niet helder is, maar dat de wetgever er blijkbaar vanuit gaat dat dit sleutelbegrip voor zichzelf spreekt.1 Waar in de literatuur uitvoerig is stilgestaan bij het begrip ‘passende arbeid’2 moet wel duidelijk zijn dat re-integratie uit méér bestaat dan het aanbieden daarvan. Het wettelijk gebruik van het begrip of de notie van re-integratie zoals hiervoor geschetst laat een bredere reikwijdte zien. Van der Grinten benoemt re-integratie niet en herhaalt de concrete rechten en plichten zoals die in de wet staan.3 Volgens Asscher-Vonk gaat het om ‘het benutten van nog aanwezige arbeidsgeschiktheid en het zoveel mogelijk vergroten van de arbeidsgeschiktheid.’ 4 Hoekstra spreekt over ‘het terugleiden van de betrokken werknemer naar (ander) werk’,5 Kronenburg-Willems noemt ‘het goed en snel weer naar het proces van betaalde arbeid terug brengen’.6 Volgens Den Uijl is re-integratie ‘het proces van in dienst nemen of houden van personen met een chronische aandoening en/of een arbeidsongeschiktheidsuitkering’.7 Klosse stelt: ‘de werknemer die recht heeft op ziekengeld, heeft een eigen verantwoordelijkheid om zich actief in te spannen voor zijn herstel en een spoedige terugkeer in het arbeidsproces.’ Zij noemt bij re-integratie vergroting van de arbeidsgeschiktheid, door bijvoorbeeld opleiding of training, náást inschakeling in het arbeidsproces.8 Noordam omschreef het begrip schetsmatig in zijn bespreking van de WAGW: ‘de procedure die erop gericht is om gehandicapten die als gevolg van ziekte of gebrek (tijdelijk) buiten het betaalde arbeidsproces hebben gestaan, daarin (weer) een plaats te geven’. Het eindpunt van re-integratie is het weer aan het werk zijn.9 Volgens Janssen is re-integratie ‘een begrip dat een proces behelst op weg naar passende arbeid’.10 Westerveld ten slotte omschrijft re-integratierecht als: ‘de juridische vormgeving van het beleid dat gericht is op het verwerven of behouden van werk voor wie dat, vanwege zekere persoonsgebonden of arbeidsmarktgerelateerde omstandigheden, niet vanzelf spreekt.’11