Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/1.1.1
1.1.1 De bij dode opgerichte stichting
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232275:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
De uiterste wilsbeschikking betreft niet de vorm (uiterste wil/testament) maar ziet op de rechtshandeling die verricht wordt, Kamerstukken II 1964-1965, 3771, nr. 9, p. 53. Voor het gebruik van de terminologie van uiterste wil en uiterste wilsbeschikking in Boek 4 BW, zie Handboek Erfrecht, F.W.J.M. Schols 2015/VI.3.1. Van der Burght en Ebben spreken hun verbazing uit dat de wetgever niet gekozen heeft voor de term ‘testament’, welke term in de parlementaire behandeling steeds wordt gebruikt, Pitlo/Van der Burght & Ebben 2004/216. Van der Burght en Ebben worden bijgevallen door M.J.A. van Mourik in WPNR 2005/6619 in zijn bespreking van genoemd werk.
Een rechtspersoon wordt door de rechtshandeling van oprichting in het leven geroepen, Kamerstukken II 1982-1983, 17725, nr. 3, p. 54; Asser/Rensen 2-III 2017/310.
Deze studie gaat over de bij dode opgerichte stichting. Dit is de stichting die in leven wordt geroepen op grond van een uiterste wilsbeschikking. Deze stichting komt in aanraking met de regels uit zowel Boek 2 BW als Boek 4 BW.
Van de bij dode opgerichte stichting bestaan twee varianten:
de bij uiterste wilsbeschikking1 in het leven geroepen stichting;2 en
de krachtens uiterste wilsbeschikking in het leven geroepen stichting.
Om een helder beeld te krijgen van het onderwerp van het onderzoek ga ik hier al in op het verschil tussen de bij en krachtens uiterste wilsbeschikking opgerichte stichting, waarbij ik begin met de bij uiterste wilsbeschikking opgerichte stichting.
1.1.1.1 De bij uiterste wilsbeschikking opgerichte stichting1.1.1.2 De krachtens uiterste wilsbeschikking opgerichte stichting: de last tot oprichting