De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland
Einde inhoudsopgave
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/3.6:3.6 Bestuursrechtelijke mogelijkheden tegen arbeidsuitbuiting
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/3.6
3.6 Bestuursrechtelijke mogelijkheden tegen arbeidsuitbuiting
Documentgegevens:
mr. drs. S.M.A. Lestrade, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. drs. S.M.A. Lestrade
- JCDI
JCDI:ADS388622:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Economisch strafrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld het Programma Versterking Aanpak Georganiseerde Misdaad 2008 (http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/richtlijnen/2008/06/05/programma-versterking-aanpak-georganiseerde-misdaad.html).
Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid 2010, p. 6.
Kiemel & Ten Kate 2007, p. 96-106.
Zie ook Ten Kate 2013, p. 141.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast een strafrechtelijke benadering, zet de regering steeds nadrukkelijker in op een preventieve en bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit, waaronder ook mensenhandel valt.1 Binnen de bestuurlijke aanpak kan het openbaar bestuur, vaak op lokaal niveau, vanuit de eigen bevoegd- en verantwoordelijkheden maatregelen nemen die criminele activiteiten frustreren.2 Er is vanuit dit perspectief een barrièremodel ontwikkeld dat hindernissen/barrières aanmerkt die kunnen worden opgeworpen in de strijd tegen mensenhandel en mensensmokkel.3 De volgende barrières zijn onderkend: entree, huisvesting, identiteit, arbeid en financiële stromen. Slachtoffers van mensenhandel kunnen bijvoorbeeld illegaal in Nederland zijn (entree), zij kunnen op een onbehoorlijke wijze worden gehuisvest door huisjesmelkers (huisvesting), er kan worden gesjoemeld met identiteitsdocumenten van de slachtoffers (identiteit) of de arbeidsomstandigheden zijn niet conform de Nederlandse maatstaven (arbeid) en tot slot kan witwassen aan de orde zijn (financiële stromen).4 Bestuursorganen kunnen op de verschillende gebieden controles uitoefenen en eventueel vergunningen intrekken of boetes opleggen waardoor de gelegenheid om mensen uit te buiten wordt weggenomen. In de navolgende subparagrafen wordt kort ingegaan op de diverse barrières. Het doel van deze paragraaf is echter niet om uitputtend te zijn. Het voert in het kader van dit strafrechtelijk onderzoek te ver de bestuursrechtelijke aanpak van mensenhandel tot in detail te bespreken. Slechts een globaal overzicht wordt geschetst.
Deze paragraaf spreekt steeds van de bestuursrechtelijke aanpak van mensenhandel. Het gaat daarbij niet in alle situaties om daadwerkelijke mensenhandelvormen. Het betreft eveneens maatschappelijk ongewenst gedrag dat tegen het delict mensenhandel aanschuurt of het gaat om sociaal gedrag dat op zichzelf niet problematisch is, maar onder omstandigheden kan resulteren in arbeidsuitbuiting.
Het in kaart brengen van bestuursrechtelijke mogelijkheden bij de aanpak van uitbuiting dan wel andere maatschappelijk ongewenste arbeidsverhoudingen is zinvol voor de toetsing aan het subsidiariteitsbeginsel in hoofdstuk 5.
3.6.1 Entree3.6.2 Huisvesting3.6.3 Identiteit3.6.4 Arbeid3.6.5 Financiële stromen