De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen (IVOR nr. 103) 2017/2.7:2.7 Maatschappelijke ontwikkelingen en de discussie over belangenverbreding binnen de N.V. (1959-1965)
De positie van aandeelhouders in beursvennootschappen (IVOR nr. 103) 2017/2.7
2.7 Maatschappelijke ontwikkelingen en de discussie over belangenverbreding binnen de N.V. (1959-1965)
Documentgegevens:
F.G.K. Overkleeft, datum 28-05-2017
- Datum
28-05-2017
- Auteur
F.G.K. Overkleeft
- JCDI
JCDI:ADS388243:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dat Maeijer’s opvatting zich in de rechtsontwikkeling zou doorzetten lag niet alleen aan de intellectuele overtuigingskracht ervan. In belangrijke mate kan het succes van het door Maeijer voorgestane model van de institutionele N.V. worden toegeschreven aan het feit dat deze visie normatief en juridisch gezien het beste aansloot bij de toenmalige maatschappelijke ontwikkelingen. Het door Maeijer ontwikkelde concept van het vennootschappelijk belang zou een bruikbaar vehikel blijken voor de maatschappelijk gewenste belangenverbreding binnen grote ondernemingen. In zoverre had Maeijer, bewust dan wel onbewust, de toenmalige tijdgeest goed aangevoeld.
2.7.1 Naoorlogse aandacht voor functioneren van grote ondernemingen2.7.2 Commissie Verdam2.7.3 Structuurregeling