Einde inhoudsopgave
Afspraken en Aanspraken (SteR nr. 57) 2023/2.2.4
2.2.4 Awb 1994
N. van Triet, datum 23-12-2022
- Datum
23-12-2022
- Auteur
N. van Triet
- JCDI
JCDI:ADS685487:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Schlössels, Schutgens & Zijlstra 2019, p. 33-35. Zie bijv. voor een belangrijke uitzondering, art. 3.1 Wro. Tegen een bestemmingsplan wordt in eerste en enige aanleg geprocedeerd bij de Afdeling. Zie voor de ontwikkelingen op het gebied van rechtseenheid tussen de hoogste bestuursrechters Polak 2019b. In het bijzonder valt te wijzen op de Commissie rechtseenheid bestuursrecht waarin afgevaardigden plaatsnemen vanuit de vier hoogste bestuursrechtelijke colleges. Daarnaast is er uit de Hoge Raad één lid van de strafkamer en één afgevaardigde van de civiele kamer die aan vergaderingen deelneemt die liggen op het werkterrein van die kamers. Uit het jaarverslag van de Commissie rechtseenheid bestuursrecht over 2019 blijkt dat de commissie over het vertrouwensbeginsel heeft gesproken. Daarnaast zijn leden van de Hoge Raad als staatsraden in buitengewone dienst bij de Afdeling benoemd en vice versa.
In 1994 is de Algemene wet bestuursrecht in werking getreden. De Afdeling geschillen van bestuur is op 1 januari 1994 samengevoegd met de Afdeling Rechtspraak van de Raad van State en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (“de Afdeling”) geworden. Voor hoger beroep op het gebied van socialezekerheidsrecht en het ambtenarenrecht is de Centrale Raad van Beroep nog steeds de aangewezen instantie. Het Col-lege van Beroep voor het bedrijfsleven is dat voor sociaaleconomische wetgeving. Voor (nagenoeg) het gehele bestuursrecht is de rechtsmacht in eerste aanleg neergelegd bij de rechtbanken.1