Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context
Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.2.3:4.2.3 Methode van de belastingrechter bij toepassing van het vertrouwensbeginsel
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.2.3
4.2.3 Methode van de belastingrechter bij toepassing van het vertrouwensbeginsel
Documentgegevens:
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661405:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Hoge Raad gaat sinds de Doorbraakarresten niet zo ver dat elk gewekt vertrouwen door de Belastingdienst bescherming verdient. In de Doorbraakarresten bepaalt de Hoge Raad dat de vraag naar de omstandigheden waaronder zich die situatie voordoet, van geval tot geval moet worden beantwoord. Leidend is hierbij – zo laat ook de nadien gewezen jurisprudentie zien – de aard van de gedragingen van de Belastingdienst (inspecteur). De belastingrechter heeft een eigen methode, een vaste werkwijze, ontwikkeld voor toepassing van het vertrouwensbeginsel.
4.2.3.1 Specifieke aanpak belastingrechter: categoriseren, toetsen, rechtsgevolg4.2.3.2 Wat zijn ‘gerechtvaardigde’ verwachtingen?4.2.3.3 Wat houdt ‘contra legem’ toepassing van het vertrouwensbeginsel in?4.2.3.4 Belangenconflict en belangenafweging4.2.3.5 Te goeder trouw een beroep op het vertrouwensbeginsel4.2.3.6 Samenvatting specifieke eigenschappen van toepassing van het vertrouwensbeginsel