Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.2.3.2
4.2.3.2 Wat zijn ‘gerechtvaardigde’ verwachtingen?
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661348:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een interessante problematisering van het concept van gerechtvaardigde verwachtingen de dissertatie van Pauwels 2009, par. 8.1 en 8.2. Volgens Pauwels (p. 170, 172) heeft het een sterk argumentatief karakter, omdat telkens per situatie moet worden gemotiveerd of verwachtingen gerechtvaardigd zijn.
Pauwels 2009, p. 170 concludeert dat geen algemeen antwoord mogelijk is op de vraag wanneer er sprake is van gerechtvaardigde verwachtingen, maar dat het antwoord afhangt van de specifieke situatie, te weten de omstandigheden van het geval en het gewicht van de tegenbelangen.
Bijv. ook legitieme, gewettigde, rechtens te beschermen of te honoreren vertrouwen; zie Pauwels 2009, p. 166.
Pauwels 2009, p. 171 constateert dat de term ‘gerechtvaardigd’ vaak wordt gehanteerd als een etiket dat de conclusie weergeeft.
Pauwels 2009, p. 166.
In het belastingrecht is voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel nodig dat sprake is van gerechtvaardigdvertrouwen (ook wel: gerechtvaardigde verwachtingen). Als daarvan sprake is, slaagt het beroep op het vertrouwensbeginsel. Terecht heeft Pauwels betoogd dat het concept ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ op zichzelf genomen een inhoudsloos en problematisch concept is.1 Immers, wanneer zijn verwachtingen ‘gerechtvaardigd’? Dat hangt af van zowel (a) de omstandigheden van het geval, als (b) van de afweging met andere, eventueel tegenstrijdige, belangen.2 In de fiscale literatuur en rechtspraak worden verwachtingen die aan beide aspecten voldoen doorgaans ‘gerechtvaardigde’ verwachtingen genoemd.3 Dat betekent dat de aanduiding ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ in het belastingrecht wordt gehanteerd als – zoals Pauwels beschrijft – een etiket dat een conclusie weergeeft: het gaat om verwachtingen die rechtens (moeten) worden gehonoreerd.4 In het belastingrecht betreffen gerechtvaardigde verwachtingen dus verwachtingen die én van een zodanige ‘kwaliteit’ zijn dat zij voor bescherming in aanmerking komen én die de afweging met andere tegenbelangen hebben ‘overleefd’.
De fiscale benadering wijkt af van die in het algemene bestuursrecht. In de bestuursrechtelijke rechtspraak en literatuur wordt met ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ (enkel) bedoeld de verwachtingen die van een zodanige kwaliteit zijn dat zij voor bescherming in aanmerking komen. Om te bepalen of gerechtvaardigde verwachtingen worden gehonoreerd, moet evenwel nog een belangenafweging worden gemaakt. Pas als de gerechtvaardigde verwachtingen het niet afleggen tegen andere belangen, worden zij beschermd. In de bestuursrechtelijke benadering worden dus enkel gehonoreerd verwachtingen die (a) gerechtvaardigd zijn én die (b) het afwegingsproces met andere belangen hebben overleefd. Met het begrip ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ is dan ook, anders dan in het belastingrecht, de conclusie ten aanzien van het rechtsgevolg nog niet getrokken. De fiscale benadering heeft als nadeel, in vergelijking met de bestuursrechtelijke terminologie, dat in de term ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ het aspect van de belangenafweging ‘versluierd’ raakt.5 Daarbij zij aangetekend dat de belangenafweging in het belastingrecht een ander karakter heeft, vanwege het ontbreken van derdenbelangen (paragraaf 4.2.3.4). Ik zal om verwarring te voorkomen vasthouden aan de in de fiscale literatuur en rechtspraak gebruikelijke terminologie en bedoel met ‘gerechtvaardigde verwachtingen’ steeds verwachtingen waaraan rechtsgevolgen (moeten) worden verbonden.