Onwaardigheid
Einde inhoudsopgave
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/2.5.3:2.5.3 Onwaardigheid en misbruik van omstandigheden
Onwaardigheid (AN nr. 182) 2023/2.5.3
2.5.3 Onwaardigheid en misbruik van omstandigheden
Documentgegevens:
mr. M. de Vries, datum 01-09-2023
- Datum
01-09-2023
- Auteur
mr. M. de Vries
- JCDI
JCDI:ADS859072:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Perrick 4 2021/164 en F. Schols, in: Handboek Erfrecht 2020, p. 126.
Van Dam, in: Rechtshandeling en Overeenkomst 2022/184, p. 206-207.
Jac. Hijma, in: GS Vermogensrecht, art. 3:44 BW, aant. 2.8.3.2 (online, bijgewerkt tot en met 20 september 2022) en Reehuis 2020, p. 253.
Zie par. 2.5.1.
Zie par. 2.5.1.1 en 1.3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De wetgever heeft discussies over misbruik van omstandigheden bij de totstandkoming van uiterste wilsbeschikkingen niet willen voeren. Deze vernietigingsgrond zou leiden tot vele processen.1 Artikel 4:43 lid 1 BW bepaalt daarom dat een uiterste wilsbeschikking op deze grond niet vatbaar is voor vernietiging.2 Binnen de bandbreedte van artikel 4:3 lid 1 sub d BW bestaat desondanks ruimte om daar bepaalde gevallen van misbruik van omstandigheden onder te scharen.
Misbruik van omstandigheden is aanwezig, wanneer iemand die weet of moet begrijpen dat een ander door bijzondere omstandigheden, zoals noodtoestand, afhankelijkheid, lichtzinnigheid, abnormale geestestoestand of onervarenheid, bewogen wordt tot het verrichten van een rechtshandeling, het tot stand komen van die rechtshandeling bevordert, ofschoon hetgeen hij weet of moet begrijpen hem daarvan zou behoren te weerhouden, aldus artikel 3:44 lid 4 BW. Misbruik van omstandigheden kan gezien worden als de ‘zwakke’ vorm van bedreiging.3 Grensgevallen tussen beide wilsgebreken dienen zich voornamelijk aan wanneer de omstandigheden waarvan misbruik is gemaakt, bestaan in de aanwezigheid van een dwangpositie (noodtoestand). Typerend onderscheid is dat bij bedreiging een pressie wordt geschapen, terwijl bij misbruik van omstandigheden een pressie wordt benut.4
In de voorgaande paragrafen is duidelijk geworden dat het begrip feitelijkheid ruim moet worden opgevat. Het omvat elke gedraging die onder de gegeven omstandigheden de erflater kan dwingen of beletten een uiterste wilsbeschikking te maken.5 Dat brengt mee dat als de erflater door misbruik van omstandigheden wordt gedwongen of belet een uiterste wilsbeschikking te maken, van onwaardigheid sprake is. Dit strookt ook met de ratio van onwaardigheid. Het is niet doorslaggevend of de erflater door een in het leven geroepen pressie wordt gedwongen of belet een uiterste wilsbeschikking te maken, dan wel dat een reeds bestaande pressie daarvoor wordt benut. Indien de erflater opzettelijk wordt belemmerd om in vrijheid en naar eigen inzicht over zijn bezittingen te beschikken, dan dient dit tot onwaardigheid te leiden. De wijze waarop het dwingen of beletten geschiedt, is van ondergeschikte betekenis.6
De wetgever hoeft echter niet te vrezen voor een stroom aan processen. Uit het voorgaande volgt dat misbruik van omstandigheden op zichzelf niet voldoende is voor het aannemen van onwaardigheid. De erflater moet er door zijn gedwongen of belet een uiterste wilsbeschikking te maken. Deze laatste toets werpt een drempel op.
2.5.3.1 Rechtspraak: HR 9 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2047, NJ 2016/408