Gewogen rechtsmacht in het IPR
Einde inhoudsopgave
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/2.6.5:2.6.5 Varia
Gewogen rechtsmacht in het IPR (R&P nr. 148) 2006/2.6.5
2.6.5 Varia
Documentgegevens:
mr. F. Ibili, datum 28-11-2006
- Datum
28-11-2006
- Auteur
mr. F. Ibili
- JCDI
JCDI:ADS439126:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In Hof ' s-Hertogenbosch 8 december 1977, NJ 1978, 308 (JCS),1 verzocht een transseksuele Française haar vrouwelijke voornamen te wijzigen in mannelijke voornamen. Volgens de Rb. ' s-Hertogenbosch waren er onvoldoende aanknopingspunten, omdat 'verzoekster de Franse nationaliteit bezit en dat het te dezen handelt om wijziging van Franse voornamen, die in Frankrijk zijn toebedeeld en opgenomen in een Frans geboortenregister.' Het hof dacht hierover anders. Het hof wijst erop dat verzoekster sinds meer dan vijf jaar onafgebroken in Nederland geldig verblijft, hier werkzaam is als chemisch analist, en zij thans een verzoek heeft ingediend om het Nederlanderschap te verkrijgen welk verzoek op dat moment nog in behandeling was. Indien door de Nederlandse rechter bij in kracht van gewijsde gegane beslissing de wijziging van haar voornamen mocht worden gelast, zouden de gewijzigde voornamen bij de naturalisatie van verzoekster als haar wettelijke voornamen worden beschouwd, aldus het hof.
Ook in zaken van curatele deed de toepassing van forum non conveniens zich voor. In Rb. Arnhem 15 februari 1973, NJ 1973, 349, achtte de rechtbank zich in het verzoek tot ondercuratelestelling dat afkomstig was van de in Nederland woonachtige neef van de meerderjarige forum non conveniens, omdat 'de gerekwestreerde, die de Nederlandse nationaliteit bezit, sedert ruim 40 jaar zijn hoofdverblijf onafgebroken in Frankrijk heeft en zijn gehele vermogen zich ook aldaar bevindt.' Hieraan deed niet af 'de omstandigheid dat gerekwestreerdes enige (naaste) familieleden in Nederland woonachtig zijn.' Een soortgelijke redenering komt terug in Rb. ' s-Gravenhage 6 december 1982, NJ 1987, 1024. De in België wonende verzoeker vraagt de ondercuratelestelling van een eveneens in België wonende meerderjarige met de Nederlandse nationaliteit. De rechtbank verklaarde zich forum non conveniens:
`De gerekwesteerde is in België geboren en heeft in België altijd zijn woonplaats gehad. Hij heeft in Nederland geen enkel vermogen. Hij beschikt slechts over wat spaargeld dat door het psychiatrisch centrum Ziekeren te Sint-Truiden (België), waar gerekwesteerde thans verblijft, wordt beheerd. De ouders en de broers en zusters van de gerekwestreerde, elf in getal, wonen allen in België. De ouders zijn op 12 aug. 1933 in België gehuwd. Aan dit oordeel doet niet af dat de gerekwestreerde de Nederlandse nationaliteit bezit. Deze omstandigheid alleen biedt onvoldoende aanknopingspunt met de Nederlandse rechtssfeer om in de onderhavige zaak voor de Nederlandse rechter rechtsmacht te kunnen aannemen.' 2
In beide genoemde uitspraken wijst de rechtbank erop dat de bescherming welke een ondercuratelestelling in het algemeen aan de belangen van de curandus en van derden beoogt te bieden, beter is gewaarborgd indien de curatele wordt uitgesproken door de bevoegde rechter van de gewone verblijfplaats van de meerderjarige (Franse resp. Belgische rechter), en dat deze beslissing volgens dat recht openbaar wordt gemaakt.