Einde inhoudsopgave
Op zoek naar de heilige graal (FM nr. 174) 2022/7.8.1
7.8.1 De eredienstuitzondering
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef, datum 01-12-2021
- Datum
01-12-2021
- Auteur
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef
- JCDI
JCDI:ADS633456:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Hoewel de praktijk veelal de term ‘vrijstelling’ hanteert, verdient de term ‘uitzondering’ de voorkeur omdat niet een object als zodanig wordt vrijgesteld maar de waarde van een object buiten aanmerking wordt gelaten, zie Kamerstukken II 1999/00, 26800, B, nr. 9, p. 5.
De eredienstuitzondering komt naast deze heffingsuitzondering in dezelfde bewoording voor als een waarderingsuitzondering in artikel 2 aanhef en sub g de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet WOZ: “Bij de bepaling van de waarde wordt buiten aanmerking gelaten de waarde van […] onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning.” Bij de waardebepaling voor het opleggen van een waardebeschikking in het kader van de Wet WOZ wordt aan zulke gebouwen geen waarde toegekend. Ik beperk me in dit hoofdstuk tot de ozb en ga niet in op de waarderingsuitzondering in het kader van de WOZ.
Dijkstra 2018, p. 3.
Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de ozb worden bepaalde waarden buiten aanmerking gelaten (heffingsuitzonderingen). Een van die heffingsuitzonderingen betreft de eredienstuitzondering1 voor gebouwen bestemd voor gebruik door rsli’s. Op grond van artikel 220d, lid 1 aanhef en onderdeel c Gemw wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gemeentelijke ozb, de waarde van onroerende zaken die bestemd zijn voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard onder voorwaarden buiten aanmerking gelaten (de kerken- of eredienstuitzondering).2
Gebouwen voor openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard kunnen ook voor andere doeleinden worden aangewend, waaronder het verrichten van economische activiteiten – zoals commerciële verhuur. Denk daarbij aan de verhuur van de Oude Lutherse Kerk in Amsterdam aan de UvA voor allerlei plechtigheden.3 Vandaar dat de wetgever voor de toepassing van de eredienstuitzondering voorwaarden stelt. Zo moeten de onroerende zaken voor de toepassing van de uitzondering in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard. Delen daarvan die dienen als woning vallen niet onder de uitzondering en zijn derhalve wel belastbaar. Voor de eredienstuitzondering gelden dus vier cumulatieve voorwaarden: (1) er moet sprake zijn van een onroerende zaak; (2) die in hoofdzaak bestemd is (hoofdzakelijkheidscriterium); (3) voor openbare eredienst of openbare bezinningssamenkomsten (openbaarheidscriterium); (4) met uitzondering van delen van die onroerende zaak die dienen als woning. Hierna ga ik nader in op de eerste drie voorwaarden.
7.8.1.1 Onroerende zaak7.8.1.2 Hoofdzakelijkheidscriterium7.8.1.3 Eredienst of bezinningssamenkomst7.8.1.4 Openbaar