Einde inhoudsopgave
Op zoek naar de heilige graal (FM nr. 174) 2022/7.8.1.4
7.8.1.4 Openbaar
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef, datum 01-12-2021
- Datum
01-12-2021
- Auteur
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef
- JCDI
JCDI:ADS633498:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Rechtbank Noord-Nederland 18 februari 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:1643, r.o. 4.4. en 4.5.
Annotatie Kruimel bij Hof Arnhem 14 juli 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AI0192, in BB 2003/970.
Hoge Raad 7 mei 1980, ECLI:NL:HR:1980:AW9982 (niet gepubliceerd op rechtspraak.nl), BNB 1980, 177 en HR 4 december 1991 (niet gepubliceerd op rechtspraak.nl), BNB 1992/47, r.o. 5.5.
Hoge Raad 7 mei 1980, ECLI:NL:HR:1980:AW9982 (niet gepubliceerd op rechtspraak.nl), BNB 1980, 177 en HR 4 december 1991 (niet gepubliceerd op rechtspraak.nl), BNB 1992/47, r.o. 5.5. In zijn arrest van 12 augustus 2016 (ECLI:NL:HR:2016:1901, r.o. 2.3.2.) heeft de Hoge Raad de rechtsregel bevestigd dat het begrip ‘openbare eredienst’ nog steeds naar het algemeen spraakgebruik ingevuld moet worden.
Hof Arnhem 28 augustus 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AL1191, r.o. 4.2-4.4; Hof Leeuwarden 21 maart 1997, ECLI:NL:GHLEE:1997:AS3247 (niet gepubliceerd op rechtspraak.nl), Belastingblad 1998/87. Zie ook Vakstudie Lokale belastingen en milieuheffingen, art. 220d Gemw, aant. 6.7.2.
Rechtbank Noord-Nederland 18 februari 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:1643, r.o. 4.6.
Hof Arnhem 28 augustus 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AL1191, r.o. 4.8.
Hof Arnhem 28 augustus 2003, ECLI:NL:GHARN:2003:AL1191, r.o. 4.9.
Het openbaarheidscriterium betekent dat de bijeenkomsten voor iedereen openstaan zonder enige toegangseis, beperking of verplichting (zoals voorafgaande screening of toestemming door de leden van de geloofsgemeenschappen of geestelijke gemeenschappen op levensbeschouwelijke grondslag), iedereen deel kan nemen aan de dienst of bijeenkomst en de toegang niet beperkt is tot bijvoorbeeld het lidmaatschap van de betreffende geestelijke genootschappen.1 Volgens Kruimel kan dit blijken uit de openbare aankondiging van de samenkomsten, zoals op of bij het gebedshuis en in de lokale pers.2 Dat sommige bijeenkomsten zijn gericht op bepaalde leeftijdscategorieën doet volgens de Hoge Raad niets aan de openbaarheid daarvan af.3 Volgens de Hoge Raad moet het begrip openbaarheid worden opgevat overeenkomstig het algemeen geldend spraakgebruik, zodat openbare jeugd- en kinderdiensten naar algemeen geldend spraakgebruik als openbare eredienst kunnen worden aangemerkt.4
Omdat de bijeenkomsten van sommige rsli’s per definitie besloten van aard zijn komen deze gebouwen niet in aanmerking voor de eredienstuitzondering. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij loges van de Vrijmetselarij en daarmee vergelijkbare levensbeschouwelijke organisaties, wanneer de ‘zittingen’ alleen bestemd zijn voor leden van de loges van het betreffende genootschap.5 Een derde, niet-lid, niet-vrijmetselaar mag immers niet zomaar de dienst of bijeenkomst (open loge of comparitie) bijwonen, maar alleen op uitnodiging of na aanmelding en screening.6 Dat de diensten en bijeenkomsten ook weer niet volledig besloten zijn, omdat er soms wel derden worden toegelaten, is niet doorslaggevend. Waar het om gaat, is of de diensten en bijeenkomsten letterlijk volledig openbaar zijn. Toch zijn er ook gemeenten die hier minder rigide mee omgaan en de uitzondering alsnog toekennen, maar dit beleid bindt andere gemeenten niet.7
De voertaal tijdens erediensten of bezinningssamenkomsten en een actieve deelname aan de bijeenkomsten vormen geen beslissende criteria voor het openbaarheidscriterium.8 Zo hoeft het hanteren van Latijn, Hebreeuws, Arabisch of Hindi tijdens de bijeenkomst geen belemmering te vormen voor de toepassing van de eredienstuitzondering. Bepalend is of de eredienst voor iedereen vrij toegankelijk is.