Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/3.4.1
3.4.1 Contractsoverneming impliceert dat de gehele rechtsverhouding overgaat
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949858:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Van Rijssen 2006, p. 63-86 ; Huizingh 2016, p. 343-344; Verheul, WPNR 2017/7156, p. 489-496 en WPNR 2017/7157, p. 507-512; Hijma en Olthof 2020/323 en 324; Wibier 2020, p. 65-66; Asser/Sieburgh 6-II 2021/309 en 311; Mellema-Kranenburg, in: GS Verbintenissenrecht, art. 6:159 BW.
Parlementaire geschiedenis BW Boek 6 1981, p. 584.
Sommige auteurs maken een strikt onderscheid tussen verweermiddelen versus wilsrechten. In hun terminologie realiseren wilsrechten een wijziging in de rechtstoestand met betrekking tot een vordering en hebben verweermiddelen daarentegen hun grondslag in de reeds gerealiseerde rechtstoestand. De bevoegdheid om een overeenkomst te ontbinden of te vernietigen is in die terminologie een wilsrecht en geen verweermiddel. Bijvoorbeeld verjaring is een verweermiddel. Een uitgeoefend wilsrecht kan wel een verweermiddel opleveren. Zie bijvoorbeeld Verheul, in: GS Verbintenissenrecht, art. 6:145 BW, aant. 5.2 en 6.4. Er lijkt mij echter niets op tegen om “wilsrechten” ook als “verweermiddelen” te zien. Waar ik in dit hoofdstuk over verweermiddelen spreek, bedoel ik dus ook wilsrechten. Zo ook bijvoorbeeld Verhoeven, Contracteren 2004/1, p. 8 die spreekt over “verweermiddelen die de overnemer kan ontlenen aan de overgenomen rechtsbetrekking, zoals de bevoegdheid tot ontbinding en vernietiging”. Waar bronnen die ik gebruik uitsluitend betrekking hebben op wilsrechten of wilsgebreken heb ik opmerkingen in dit hoofdstuk uiteraard daar wel toe beperkt.
Huizingh 2016, p. 226.
Uit het standpunt, dat in het geval van de regeling van de portefeuilleoverdracht beschreven in §3.5.1a.1 Wft sprake is van een contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW waarbij de medewerking van de polishouder wordt vervangen door de instemming van DNB, vloeit naar mijn mening voort dat wij ons aan de hand van art. 6:159 BW en de juridische literatuur en jurisprudentie over contractsoverneming een oordeel kunnen vormen welke rechten en verplichtingen door de portefeuilleoverdracht overgaan op de verkrijgende verzekeraar.
De bevindingen over de rechten en verplichtingen uit verzekering die overgaan bij een contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW gelden dan zowel in het geval van toepassing van de toezichtrechtelijke regeling voor portefeuilleoverdracht zoals opgenomen in §3.5.1a.1 Wft, als wanneer een schadeverzekeraar of herverzekeraar kiest voor de civielrechtelijke route van contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW indien hij rechten en verplichtingen krachtens verzekering wenst over te dragen.
Algemeen wordt aangenomen dat bij contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW de contractuele rechtsverhouding in zijn geheel overgaat. Alle nevenrechten en verweermiddelen zoals wilsrechten komen daarna toe aan de overnemende partij.1 Een partij doet bij contractsoverneming zijn gehele rechtsverhouding met een wederpartij overgaan op een derde die daarmee de contractspartner van de wederpartij wordt. Ook in de parlementaire geschiedenis wordt dit als een kenmerk van contractsoverneming genoemd.2 Het komt er dus op neer dat een verzekeringsovereenkomst door de contractsoverneming geen wijziging ondergaat. Nevenrechten en verweermiddelen zoals wilsrechten3 die bestaan op grond van de contractuele rechtsverhouding tussen de polishouder en de verzekeraar die zijn verzekeringsportefeuille overdraagt, bestaan na de overdracht van de verzekeringsportefeuille in de contractuele rechtsverhouding tussen de polishouder en de verzekeraar die de verzekeringsportefeuille heeft verkregen in beginsel dus nog steeds. Onder een wilsrecht wordt de bevoegdheid verstaan om eenzijdig, door uiting van een wilsverklaring, verandering te brengen in een rechtsbetrekking of rechtstoestand. Voorbeelden van wilsrechten zijn het recht een overeenkomst te vernietigen, te ontbinden of op te zeggen.4