Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/5.3.4.2:5.3.4.2 De toetsende rol van de Afdeling advisering van de Raad van State
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/5.3.4.2
5.3.4.2 De toetsende rol van de Afdeling advisering van de Raad van State
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo blijkt uit de Voorjaarsrapportage 2015, p. 1 (Bijlage bij Kamerstukken II 2014/15, 21 501-07, nr. 1249) en de brief van de Minister van Financiën over de nadere invulling van de taak van de Raad van State, Kamerstukken II 2014/15, 34 000, nr. 56, p. 2.
Voorjaarrapportage 2015, p. 2 (Bijlage bij Kamerstukken II 2014/15, 21 501-07, nr. 1249) en Kamerstukken II 2014/15, 34 000, nr. 56, p. 2.
Kamerstukken II 2013/14, 34 000, nr. 3, p. 13 (Advies RvS Miljoenennota 2015).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Septemberrapportage verschijnt onafhankelijk en zelfstandig van het advies over de Miljoenennota. De Raad van State wil duidelijk een onderscheid maken in zijn taak als adviseur over de Miljoenennota en de functie van het uitoefenen van onafhankelijk begrotingstoezicht.1 Bij het uitoefenen van het onafhankelijk begrotingstoezicht neemt de Raad van State een toetsende rol aan en geeft een ‘oordeel’ over de ontwerpbegroting.
De beoordelingen komen tot stand in samenwerking met het CPB. Het CPB stelt de onafhankelijke ramingen en analyses op, waarna de Raad van State op basis daarvan een oordeel geeft over de naleving van de Europese begrotingsregels. In de Voorjaarsrapportage maakt de Raad van State gebruik van het Centraal Economisch Plan (CEP) en in de Septemberrapportage van de Macro-Economische Verkenning (MEV). De Raad van State geeft een normatieve beoordeling over de naleving van de Europese begrotingsafspraken2 in een volgens de Minister van Financiën meer ‘bestuurlijk analytische zin’.3