Einde inhoudsopgave
De bezoldiging van bestuurders van beursgenoteerde vennootschappen (IVOR nr. 113) 2018/422
422 Art. 2:135 lid 7: Het aanpassen van de bezoldiging bij een ‘major corporate event’
mr. E.C.H.J. Lokin, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
mr. E.C.H.J. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS367869:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Zie het amendement van Van der Steur en Van Toorenburg, Kamerstukken II, 2011/12, 32 512, nr. 13 en nr. 15. Zie verder Kamerstukken I, 2012/13, 32 512, C, p. 3; Kamerstukken I, 2012/13, 32512, A. De wetgever heeft deze termijn niet verlengd.
Bulten wijst erop dat de definitie van de beurs-NV niet overeenkomt met de elders in Boek 2 BW gehanteerde definitie. Bulten 2014, p. 119. Onder meer de woorden ‘multilaterale handelsfaciliteit’ ontbreken.
Met ‘aankondiging’ werd gedoeld op ofwel het doen van een openbare mededeling over de naam van de bieder, de doelvennootschap en de voorgenomen prijs of ruilverhouding of een concreet omschreven voorgenomen tijdschema voor het verloop van het voorgenomen openbaar bod, ofwel een aankondiging van een verplicht bod dat is gedaan conform art. 5 lid 3 Bob Wft. Kamerstukken I, 2012/13, 32 512, C, p. 12.
Ook het intrekken van het bod had op de toepassing van art. 2:135 lid 7 BW geen uitwerking.
Met de dag waarop het besluit wordt voorgelegd werd bedoeld de dag waarop de algemene vergadering wordt bijeengeroepen waarbij het bedoelde besluit op de agenda staat. Daarmee werd beoogd om een eventuele discussie over de vraag of een transactie een besluit is in de zin van artikel 107a, in dit kader te voorkomen. Kamerstukken I, 2012/13, 32 512, C, p. 13.
De reden die werd gegeven voor dit verschil is, dat een openbaar bod in zoverre verschilt van een 107a-besluit dat de eerste kan leiden tot verandering van de zeggenschap over de vennootschap. Een dergelijke verandering van de zeggenschap kan de prikkel voor oneigenlijke oordeelsvorming vergroten, ongeacht de uitkomst. Bij een artikel 107a-besluit zal in de regel geen sprake zijn van verandering van zeggenschap in de vennootschap. Kamerstukken I, 2012/13, 32 512, C, p. 14.
Zie de artt. 2:314 lid 3 BW, 2:333e lid 1BW en 2:334h lid 3 BW.
Het voormalige zevende lid van art. 2:135 BW, ten slotte, bevat een opmerkelijke regeling die van tijdelijke aard was: de regeling is op 1 juli 2017 van rechtswege komen te vervallen.1 Op grond van art. 2:135 lid 7 (oud) BW hadden beursgenoteerde2 vennootschappen de verplichting om de waardestijging van de aandelen, certificaten of opties die een bestuurder als bezoldiging heeft ontvangen, in mindering te brengen op de bezoldiging van een bestuurder, indien deze meerwaarde het gevolg is van een in lid 7 geëxpliciteerd majeur ‘corporate event’.
Een eerste vennootschappelijke gebeurtenis die in art. 2:135 lid 7 (oud) BW werd genoemd, is een openbaar bod als bedoeld in art. 5 Besluit openbare biedingen Wft. De aankondiging van een dergelijk openbaar bod deed de verplichting ontstaan tot het vaststellen van de waardestijging op de aandelen, certificaten of opties van de bestuurder, evenals het verminderen van de bezoldiging van de bestuurder met deze waardestijging.3 Het daadwerkelijk uitbrengen van het bod of het gestand doen van het bod was geen vereiste.4
De verplichting op grond van art. 2:135 lid 7 (oud) BW ontstond ook op de dag waarop een besluit in de zin van art. 2:107a BW werd voorgelegd aan de AVA.5 Anders dan het geval was bij een openbaar bod hoefde geen verrekening plaats te vinden indien het voorstel niet werd goedgekeurd.6
Een derde vennootschappelijke gebeurtenis waardoor het zevende lid werd geactiveerd, was de aankondiging van een (grensoverschrijdende) juridische fusie of splitsing.7 Hier gold weer, evenals bij het openbaar bod, dat de aankondiging voldoende was. De fusie of splitsing hoefde niet per se doorgang te vinden.