Stille getuigen
Einde inhoudsopgave
Stille getuigen 2015/5.3.2.2.3:5.3.2.2.3 Getuige is overleden
Stille getuigen 2015/5.3.2.2.3
5.3.2.2.3 Getuige is overleden
Documentgegevens:
Mr. B. de Wilde, datum 01-01-2015
- Datum
01-01-2015
- Auteur
Mr. B. de Wilde
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Dat zou immers met zich kunnen brengen dat het ondervragingsrecht niet langer in de weg zou staan aan het gebruik van de getuigenverklaring voor het bewijs.
Het komt wel voor dat een getuige niet kan worden ondervraagd omdat deze is overleden. Zie bijvoorbeeld HR 13 november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY5706.
HR 13 januari 1981, NJ 1981, 79, r.o. 12.3. Het toenmalige criterium om te toetsen of een getuigenverzoek mocht worden afgewezen was of de oproeping ‘nutteloos’ zou zijn.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer een getuige is overleden, spreekt het voor zich dat deze niet meer succesvol kan worden opgeroepen. De verdediging zal dat over het algemeen ook wel inzien, ook al zal zij doorgaans formeel geen afstand doen van het recht de getuige te ondervragen.1 Bij de Hoge Raad is dan ook bijna nooit geklaagd over het afwijzen van een getuigenverzoek ingeval de getuige was overleden.2 Het enige mij bekende geval is NJ 1981, 79. In deze zaak oordeelde de Hoge Raad dat de rechtbank mocht oordelen dat oproeping van de overleden getuige nutteloos zou zijn.3 Het is wel van belang dat het overlijden overtuigend kan worden aangetoond. Dat zal vermoedelijk niet te snel mogen worden aangenomen. De verklaring van een buurtbewoner zal bijvoorbeeld niet in alle gevallen voldoende zijn. Het overlijden zal dikwijls immers kunnen worden geverifieerd bij een officiële instantie. In NJ 1981, 79 was een uittreksel uit een overlijdensregister overgelegd.