De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV
Einde inhoudsopgave
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.5.3:9.5.3 De zaak Janssen Pers: gezamenlijk drijven onderneming
De enquêtegerechtigden bij de NV en de BV (VDHI nr. 153) 2018/9.5.3
9.5.3 De zaak Janssen Pers: gezamenlijk drijven onderneming
Documentgegevens:
mr. K. Spruitenburg, datum 01-08-2018
- Datum
01-08-2018
- Auteur
mr. K. Spruitenburg
- JCDI
JCDI:ADS373445:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OK 17 maart 1994, NJ 1995/408 en TVVS 1994, 104 m.nt. IJsselmuiden (Janssen Pers).
Zie SER-advies 1989/21, p. 10 en Kamerstukken II 1991-1992, 22 400, nr. 3 (MvT), p. 10.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de Janssen Pers-beschikking geeft de OK voor het eerst een concernrechtelijke uitleg aan art. 2:347 BW. In deze zaak zijn de leden van De Vereniging Druk en Papier FNV (FNV) werkzaam binnen een van de dochtervennootschappen. Nadat de OK heeft vastgesteld dat de subholding en de dochtervennootschap samen met de drie andere dochters feitelijk een onderneming vormen waarvoor een gemeenschappelijke ondernemingsraad is ingesteld, oordeelt zij dat art. 2:347 BW in wetsgeschiedenis zo worden uitgelegd “dat een vakbond bevoegd is om een enquête uit te lokken bij concerngenoten van de rechtspersoon, in wiens onderneming personen werkzaam zijn die bij haar als lid zijn aangesloten.”1 De OK houdt de behandeling van het enquêteverzoek aan, maar treft wel onmiddellijke voorzieningen bij de subholding en haar vier dochters. Ik leid hieruit af dat vakbond FNV enquêtebevoegd is bij deze vijf rechtspersonen. Een onderzoek is uiteindelijk niet gelast.
Overigens baseert de OK zich in deze uitspraak mijns inziens niet op de ontstaansgeschiedenis van art. 2:347 BW waarover ik in § 9.2 schrijf, maar op de hierboven besproken geschiedenis van de Aanvullingswet. Daarin wordt onder verwijzing naar de eerdergenoemde Stolk-beschikking (§ 9.5.2) immers voor het eerst gewezen op de mogelijkheid dat een onderneming door twee of meer concerngenoten in stand kan worden gehouden.2