Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/4.3.4.4.1
4.3.4.4.1 Verschijningsvormen van factoring
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS501483:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Voetnoten
Voetnoten
Voor een overzicht zie onder andere Beuving 1996, p. 13 e.v., Asser/Houben 7-X 2015/81 e.v. en Asser/Bartels & Van Mierlo 3-IV 2013/360.
Bij factoring hoeft het strikt genomen niet te gaan om het verkopen (lees: overdragen) van vorderingen. Onder factoring kan tevens worden verstaan de situatie, waarin de factor de ondernemer van krediet (in plaats van een koopsom) voorziet, in ruil voor een pandrecht op de vorderingen. Zie in dat verband Beuving 1996, p. 36 e.v. Omdat bij deze vorm van factoring geen sprake is van de ‘overdracht’ van vorderingen (en art. 29 lid 6 Wet OB 1968 derhalve geen toepassing vindt), laat ik deze vorm in dit onderzoek onbehandeld. De nuance dat de feitenconstellatie bij verpanding van vorderingen de conclusie zou kunnen rechtvaardigen dat sprake is van een ‘economische overdracht’ laat ik eveneens (vanwege het onzekere gehalte) buiten beschouwing.
Voor een opsomming van andere varianten waarbij de vordering wordt overgedragen en hun onderlinge verschillen verwijs ik naar Blokland 2016, paragraaf 7.2.
De verschillende motieven die bij factoring een rol kunnen spelen, maken dat factoring in verschillende gedaanten voorkomt,1 waardoor het zich moeizaam laten vangen in één definitie. De gedaanten hebben evenwel veelal gemeen dat een gespecialiseerde, veelal aan een bank gelieerde instelling (de factormaatschappij) vorderingen van ondernemingen int.2 Deze inning geschiedt soms na een daartoe gegeven last tot inning3 en soms nadat de vorderingen aan de factor zijn overgedragen. Vorderingen kunnen worden overgenomen met of zonder recht van regres bij oninbaarheid (ook wel recourse factoring respectievelijk non-recourse factoring genoemd).4 Bij een regresrecht valt te denken aan een (gedeeltelijke) terugbetaling van de koopsom voor de vorderingen tegen een terugoverdracht van de betreffende (inmiddels oninbare) vorderingen (de zogenoemde retrocessie). Van de factoring waarbij de factor de vordering beheert en int, moet de zogenoemde bulkfactoring worden onderscheiden. Bij deze variant voert de overdrager van de vordering zelf zijn debiteurenadministratie en int hij zelf de vorderingen, terwijl het debiteurenrisico bij de factor komt te liggen.5 Vanzelfsprekend zijn op bovengenoemde vormen van factoring allerlei sub- en kruisvarianten denkbaar.