Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken
Einde inhoudsopgave
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/7.4.6:7.4.6 Uitzonderingen op de strikte toepassing van de omkering
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/7.4.6
7.4.6 Uitzonderingen op de strikte toepassing van de omkering
Documentgegevens:
mr. drs. A. Heidekamp, datum 13-10-2023
- Datum
13-10-2023
- Auteur
mr. drs. A. Heidekamp
- JCDI
JCDI:ADS940450:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie paragraaf 7.4.4.1.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ondanks de imperatieve wettelijke formulering van de omkering zijn er in de jurisprudentie twee categorieën exoneratiegronden ontwikkeld met een basis in de wetsgeschiedenis:
Strafuitsluitingsgronden: schulduitsluitingsgronden (vooral afwezigheid van alle schuld) en rechtvaardigingsgronden (vooral overmacht) kunnen de toepassing van de sanctie van de omkering verhinderen.
Evenredigheidstoets: het proportionaliteitsvereiste brengt mee dat de sanctie in een redelijke verhouding moet staan tot de ernst van de normschending.
De bewijslast ter zake van het bestaan van een van deze uitzonderingsgronden rust overeenkomstig de reguliere regels van bewijslastverdeling in beginsel op de belastingplichtige. Gelet op de ambtshalve toetsingsplicht1 kan de rechter naar mijn mening ook zelfstandig uit de vaststaande feiten en omstandigheden afleiden dat er aanleiding is om een van de uitzonderingsgronden toe te passen.
7.4.6.1 Strafuitsluitingsgronden7.4.6.2 Evenredigheidstoets