Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/7.2.3
7.2.3 Normaalprogramma vijfjarige Rijks-hbs 1916 en openbare hbs 1920
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977093:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
K. ten Bruggencate 1909.
K. ten Bruggencate 1916, p. 8 e.v. Hij is voorzitter van de Commissie M.O.-Nederlands, - Aardrijkskunde, -Geschiedenis, -Staathuishoudkunde c.a en -Staatsinrichting, Weekblad 1916, 13/4, p. 158.
Ten Bruggencate 1916, p. 9.
Ibid., p. 9.
Ibid., p. 18.
KB van 16 juni 1920, Stb. 1920, nr. 299.
B. Varenhorst & G. Gerrits, ‘Den heer G. Bolkestein (…)’, Weekblad 1919, 16, p. 618.
KB van 28 februari 1934, Stb. 1934, nr. 86.
KB van 27 mei 1937, Stb. 1937, nr. 363. De verplichte lessentabel is in artikel 2 opgenomen.
De cijferlijst bevat wis- (3 cijfers), natuur- en scheikunde, natuurlijke historie, Nederlands, Frans, Engels, Duits, staathuishoudkunde, aardrijkskunde, geschiedenis en gemiddeld cijfer in de examenklas van kosmografie, handelswetenschappen, hand- en lijntekenen en lichamelijke opvoeding.
Bouwhof, Lagerwerff & Krediet, Handelswetenschappen 2 (voor 5-j.hbs-b), Groningen: Noordhoff 1966, p. 5-6. Het vak omvat boekhouden ondernemingsvormen en beginselen der handelskennis (vreemde valuta, goederenhandel, verzekering, effecten).
In de examenklas hbs-b is verplichte keuze uit: (a) handelswetenschappen en b) mechanica en rechtlijnig tekenen (2 uur).
Wet van 1 maart 1920, Stb. 1920, nr. 106.
Kamerstukken II,1919/20, (mva), p. 710.
Ook handelswetenschappen en recht vervallen als examenvak.
Als voorbeeld: 3 rapportcijfers voor staatsinrichting: 8-9-8: eindcijfer 8.
KB van 25 mei 1934, Stb. 1934, nr. 268 (één wekelijks uur in de examenklas).
KB van 28 februari 1934, Stb. 1934, nr. 86, artikel 12 lid 4.
Wet van 1 maart 1920, Stb. 1920, nr. 106 en KB van 26 juli 1920, Stb. 1920, nr. 617 als vervolg op art. 55 lid 1 MO. Er kwamen rijksdeskundigen voor de staatswetenschappen (art. 57b lid 2).
KB van 26 juli 1920, Stb. 1920, nr. 617.
KB van 8 juni 1929, Stb. 1920, nr. 310.
KB van 28 februari 1934, Stb. 1934, nr. 86.
KB van 27 september 1960, Stb. 1960, nr. 390.
De invoering in 1916 van het Normaalprogramma levert veel verzet op; ook de inspectie uit de nodige kritiek op het ontwerp. Een van de kritiekpunten betreft de uitstroom na de derde klas, waarmee het ontwerp geen rekening houdt en waardoor veel leerlingen geen onderwijs in staatsinrichting krijgen. De kritiek is dusdanig dat inspecteur Ten Bruggencate zijn ambt met onmiddellijke ingang neerlegt.1 Het ontwerp bepaalt voor de vierde klas scheikunde, boekhouden, staatsinrichting en staathuishoudkunde en de statistiek. De inspectie en de A.V.M.O. willen in de derde klas scheikunde, staatsinrichting en boekhouden verplichten, mede uit sociaalpedagogische overwegingen.2 Het is ‘een pure noodzaak om de leerlingen te laten weten hoe het openbaar bestuur is ingericht: Bovendien [weten] hbs'ers na deze klas minder van staatsinrichting en boekhouden dan muloleerlingen, wat ongewenst is’.3 Ten Bruggencate acht algemene vorming van drie jaar een absolute noodzaak, waardoor ‘het onderwijs in gezond-democratische zin georganiseerd kan worden’.4 Het voorstel vraagt geleidelijke invoering.5 Desondanks is staatsinrichting vastgelegd met de Schets van de geschiedenis der staatsinrichting en de behandeling van de Grondwet (klas vier) en het Provinciaal en Gemeentebestuur (klas vijf).
Normaalprogramma 1920
In 1920 kent staatsinrichting in de derde en vierde klas één uur.6 De kritiek van de inspectie en de A.V.M.O. was niet tot dovemansoren gericht.7 Van de twee uur staathuishoudkunde en de statistiek gaat in 1934 één uur naar de vierde klas.8 In 1937 kent het rijksleerplan vijftig minutenlessen9:
klas 3
4a
4b
5a
5b10
staatsinrichting
1
1
-
1
-
staatshuishoudkunde (en statistiek)
-
2
1
2
1
handelswetenschappen (recht) 11
2
5
-
5
(2)
Op hbs-a is in 1937 staathuishoudkunde en de statistiek vastgelegd en op hbs-b staathuishoudkunde.
Handelswetenschappen staat in klas drie hbs-a en -b (boekhouden), in klas vier hbs-a (zes uur) en vijf hbs-a (zes uur) en -b (facultatief twee uur) op het rooster.12
Staatsinrichting geen examenvak 1920
Bij Wet van 1 maart 1920 bestaat het hbs-examen volgens het Examen- en Programmareglement van 1920/21 deels uit een schoolexamen.13 Het voorstel komt van de in 1903 ingestelde commissie-Woltjer. Het ontwerp omvat een schoolexamen, wat door de regering deels is losgelaten na gemeen overleg met de Tweede Kamer.14 De positie van het vak staatsinrichting wijzigt hierdoor. Nadat het in 1869 schriftelijk en vanaf 1870 mondeling is geëxamineerd, vervalt het in 1920 als examenvak.15 Het mondeling examen blijft verplicht voor kandidaten met een gemiddeld rapportcijfer of het laatste rapportcijfer lager dan zes.16 De weg naar boven voor staatsinrichting als examenvak is niet hervonden. Een mondeling examen in staathuishoudkunde17 is in bijzonder geval vereist.18 Deskundigen doen hun intrede, onder meer voor de vakken staathuishoudkunde en de statistiek, aardrijkskunde en geschiedenis.19 Dezen, vijf in getal, zien toe op het goede verloop van de examens.20 Het examen handelswetenschappen en de examenafdelingen vervallen. In het Examen- en Programmareglement van 1929 is handelswetenschappen weer schriftelijk opgenomen.21
Reglementen 1934 en 1962
Vanaf het Examen- en Programmareglement van 1934 woont de deskundige voor de talen, als hij of zij dat wenst, of een van de leraren, het mondeling bij in onder meer het vak staatshuishoudkunde en de statistiek.22 De deskundige hiervoor vervalt. Vrijstelling voor staathuishoudkunde en de statistiek, aardrijkskunde en geschiedenis wordt regel. Het Reglement van 1962 volgt op een ingetrokken KB23 over de duur van de mondelinge examens. De inspectie bepaalt dat het mondeling bestaat uit de vakken natuur- of scheikunde (hbs-b), geschiedenis of aardrijkskunde (hbs-a) en twee van de drie moderne vreemde talen Frans, Duits en Engels.