Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/7.13
7.13 Methodiek-didactiek van het onderwijs in staatsinrichting en recht
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977362:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie didactiek van de staatswetenschappen: Duyverman 1938 en H. Pol, ‘Belang vakdidactiek chronisch onderschat’, Trouw 22 augustus 2017.
Vgl. H. Bokelmann, Die ökonomisch-sozialethische Bildung, Heidelberg: 1964, H. Giesecke, Didaktik der politischen Bildung, München 1965 en H. Blankertz 1973, p. 52.
Voor de akte Q bij MO-Staathuishoudkunde c.a. is verplicht: A. Luwel, Inleiding tot de didactiek der economische wetenschappen, Antwerpen: Standaard 1968.
J. van der Scheer, ‘Notities over onderwijs in recht’, VOS-M 1960, 60, p. 5-7 en ´Practische staatsinrichting’, Ibid. 1964, 74, p. 14-16, M.J. Broekhuijsen, ´Perikelen van recht en wet´, VOS-M 1962, 65, p. 12-13, A.G. Besier, ´Twee ‘geslaagde’ experimenten´, Ibid., p. 14-16 en ter oriëntatie: ’Methoden’, VOS-M 1964, 72, p. 19-22. Duyverman adviseert de ministeriële verantwoordelijkheid te behandelen met de vraag- en antwoordmethode (verklaringsstructuur).
Duyverman 1936, p. 198 en ‘Methoden’, VOS-M 1964, 72, p. 16-18.
Duyverman 1938, p. 39-41, 46 en Duyverman 1936, p. 213. Zie ook: J.P. Duyverman, ‘Een ‘Queerverbindung’, Weekblad, jrg. 29, p. 636 e.v.
Ibid., p. 48.
VOS-M 1964, 71, p. 9-15.
VOS-M 1968, 90, p. 8-12; N. van Rees, ´Enkele opmerkingen en vragen over de voorgestelde leerplannen recht voor de Rijksscholen´, Ibid., p. 13-15 en J. van der Scheer, ’Recht bij Vwo en Havo’, Ibid., p. 16. Van der Scheer acht bekwaamheden van niet-juristen staatsinrichting en recht préwetenschappelijk te doceren afwezig.
H. Megens, ´Een jubileum en de didactiek van het recht´, VOS-M 1969, 94, p. 18.
Duyverman en Van der Scheer
Met enige aantekeningen over de didactiek sluiten we af.1 Veel hebben didactici niet bijgedragen aan de didactiek van het recht.2 Het ontbreken van een ULO recht heeft hieraan bijgedragen. Zowel door de curriculumpositie op hbs-a en vwo/havo als het geringe aantal uren houden weinigen zich bezig met de didactiek van het recht.3 Een goede uitzondering treffen we aan bij Duyverman en Van der Scheer in hun regelmatige bijdragen in VOS-Mededelingen4, waarvan regelmatig in Duyverman de verhouding van het leerboek en de leraar respectievelijk de leerling beschrijft en Van der Scheer didactische bijdragen voor het onderwijs in het recht levert.5
Heuristische en concentrische leermethoden
In 1938 vraagt Duyverman aandacht voor de ontwikkeling van Queerverbindungen van staatsinrichting en geschiedenis, aardrijkskunde en staathuishoudkunde, staathuishoudkunde en de economische A-vakken, staatswetenschappen en handelsrecht, bedrijfsleer en organisatie en techniek van de handel (‘een ware universitas’).6 Hij beveelt didactisch naast de heuristische de concentrische methode aan. Staatsinrichting, recht en economie lenen zich hier goed voor.7
Moret: geen twijfel bij vormende waarde staatswetenschappen en recht
In Een oud probleem schrijft Moret over de vormende waarde van de staats- en handelswetenschappen, waarvoor een passende vakdidactiek cruciaal is.8
De didactiek van het recht kan verbeterd worden door onderwijskundige vernieuwing, laat ook rector Megens in 1968 in VOS-Mededelingen weten.9 ‘Het doel van het onderwijs in recht is de ondersteuning van het economieonderwijs, het kritisch leren denken en de introductie van een vervolgstudie. Daarbij hoort een het recht passende vakdidactiek’.10