De bij dode opgerichte stichting
Einde inhoudsopgave
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/1.1.1.2.2:1.1.1.2.2 De conversielast tot oprichting van een stichting (artikel 4:135 lid 2 BW)
De bij dode opgerichte stichting (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2020/1.1.1.2.2
1.1.1.2.2 De conversielast tot oprichting van een stichting (artikel 4:135 lid 2 BW)
Documentgegevens:
mr. T.F.H. Reijnen, datum 01-09-2020
- Datum
01-09-2020
- Auteur
mr. T.F.H. Reijnen
- JCDI
JCDI:ADS232406:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Erfrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Anders dan de directe last, is de conversielast door de erflater niet als last bedoeld. De conversielast speelt als de uiterste wilsbeschikking niet in de juiste vorm is opgemaakt, maar overigens wel geldig is. Dan is sprake van ‘andere vorm’ uit artikel 4:135 lid 2 BW. De oprichting van een stichting bij uiterste wilsbeschikking is niet gelukt maar de wet repareert dit mislukken. Anders gezegd: de oprichting van de stichting bij uiterste wilsbeschikking is nietig, doch de wet converteert deze nietige oprichting in een last tot oprichting van een stichting.
In 3.3 ga ik nader in op de vraag wanneer sprake is van de ‘andere vorm’ uit artikel 4:135 lid 2 BW.