Instellingen voor collectieve belegging in effecten
Einde inhoudsopgave
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/4.2.5:4.2.5 (In)directe inkoop of terugname
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/4.2.5
4.2.5 (In)directe inkoop of terugname
Documentgegevens:
mr. drs. J.E. de Klerk, datum 01-02-2020
- Datum
01-02-2020
- Auteur
mr. drs. J.E. de Klerk
- JCDI
JCDI:ADS193614:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een belangrijk onderdeel van de definitie van een icbe is de (in)directe inkoop of terugnameplicht. Een icbe moet dus open-end zijn. Instellingen moeten op verzoek van de houder van het deelnemingsrecht dit deelnemingsrecht terugkopen. Dit kan zowel direct gebeuren door de icbe of beheerder als indirect via een derde. De verschillende bewoordingen die in de Richtlijn zijn gebruikt, reflecteren de verschillende situaties binnen de lidstaten. In sommige lidstaten worden deelnemingsrechten teruggenomen en geannuleerd, in andere worden ze daadwerkelijk teruggekocht.1 De inkoopprijs moet telkens bekend worden gemaakt wanneer deelnemingsrechten worden uitgegeven, ingekocht of verkocht. Dit is ten minste 2 maal per maand behalve als bevoegde autoriteiten de icbe toestaan dit slechts 1 maal per maand te doen.2 De terugkoopprijs zal gelijk zijn aan de intrinsieke waarde van het deelnemingsrecht, eventueel met aftrek van een afslag.
Het is ook toegestaan voor een icbe om deelnemingsrechten niet terug te kopen maar handelingen te verrichten om te voorkomen dat de waarde van de deelnemingsrechten ter beurze aanzienlijk afwijkt van de intrinsieke waarde. Deze uitzondering is specifiek opgenomen voor de Nederlandse situatie. Destijds werden de deelnemingsrechten van Robeco verhandeld op de beurs en zorgde een intermediair dat deze koersen niet te veel afweken van de intrinsieke waarde.3 De term ‘aanzienlijk’ is niet nader gedefinieerd en tegenwoordig met name relevant voor icbe-ETF’s, zie paragraaf 4.3.3.
Er is een uitzonderingmogelijkheid op deze inkoopplicht. De inkoop kan worden opgeschort in uitzonderlijke omstandigheden wanneer dit, gelet op de belangen van de deelnemers, verantwoord is.4 De opschorting moet in overeenstemming zijn met het recht van de lidstaat van herkomst en het fondsreglement of de statuten, en alle autoriteiten van de lidstaten waarin de deelnemingsrechten verhandeld worden, moeten geïnformeerd worden. Ook mogen lidstaten hun bevoegde autoriteiten toestaan om te eisen dat de inkoop wordt opgeschort in het algemeen belang of in het belang van de deelnemers.5
Instellingen van het closed-end type zijn per definitie geen icbe’s en zijn uitgezonderd van de Richtlijn.6 Dat zijn instellingen die niet verplicht zijn deelnemingsrechten uit het eigen kapitaal in te kopen of andere maatregelen te nemen om dit te bewerkstelligen.7