Instellingen voor collectieve belegging in effecten
Einde inhoudsopgave
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/4.2:4.2 Definitie
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/4.2
4.2 Definitie
Documentgegevens:
mr. drs. J.E. de Klerk, datum 01-02-2020
- Datum
01-02-2020
- Auteur
mr. drs. J.E. de Klerk
- JCDI
JCDI:ADS193524:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art.1 lid 2 Icbe-Richtlijn.
Zie voor een discussie omtrent de abi definitie bijvoorbeeld Hooghiemstra (2014).
ESMA/2013/611.
ESMA/2013/611, punt 6.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een icbe is gedefinieerd als1:
een instelling;
waarvan het uitsluitende doel is de collectieve belegging in effecten of andere liquide activa;
van uit het publiek aangetrokken kapitaal;
met toepassing van het beginsel van risicospreiding;
waarvan de rechten van deelneming op verzoek van de houders ten laste van de activa van deze instellingen direct of indirect worden ingekocht of terugbetaald.
Deze elementen worden in deze paragraaf toegelicht. De definitie is sinds Icbe-Richtlijn I slechts marginaal gewijzigd. Ten tijde van deze eerste Icbe-Richtlijn was het slechts mogelijk om in effecten te beleggen. In Icbe-Richtlijn IIIB zijn de beleggingsmogelijkheden uitgebreid met andere liquide activa.2 Hiertoe is het tweede deel van de definitie gewijzigd.3 Naast deze aanpassing is de definitie, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de definitie van een alternatieve beleggingsinstelling (abi), onderwerp van weinig discussie.4 Voornaamste reden hiervoor is dat het in de praktijk vrij eenvoudig is om niet als icbe te classificeren. Dat heeft tot gevolg dat er weinig instellingen onvrijwillig als icbe geclassificeerd worden. Dat is bij de AIFM-Richtlijn anders.
Abi’s zijn instellingen voor collectieve belegging, met inbegrip van beleggingscompartimenten daarvan, die: i) bij een reeks beleggers kapitaal ophalen om dit overeenkomstig een bepaald beleggingsbeleid in het belang van deze beleggers te beleggen; en ii) niet vergunningplichtig zijn uit hoofde van de Icbe-Richtlijn.5
Verschillende elementen uit de abi definitie komen terug in de icbe-definitie, zoals instellingen en collectieve belegging, terwijl andere elementen tekstueel afwijken, zoals ‘publiek’ en ‘reeks beleggers’. ESMA heeft Richtlijnen uitgebracht waarin de abi-begrippen worden toegelicht.6 De aanvullende informatie in deze AIFM-richtsnoeren is volgens ESMA alleen relevant voor de toepassing van de AIFM-Richtlijn en heeft geen betrekking op de interpretatie van soortgelijke begrippen in de Icbe-Richtlijn.7 Dat deze richtsnoeren geen betrekking hebben op de interpretatie van begrippen uit de Icbe-Richtlijn, wil niet zeggen dat ze helemaal niet relevant zijn voor dit proefschrift. De manier waarop ESMA de begrippen uit de AIFM-Richtlijn uitlegt, kan van invloed zijn op de wijze waarop ESMA begrippen uit de Icbe-Richtlijn opvat. Waar relevant wordt deze uitwerking van ESMA meegenomen in onderstaande beschouwing. In de nationale implementaties is de Richtlijn gevolgd en is er geen aanvullende verduidelijking of vereisten opgenomen.8
4.2.1 Instelling4.2.2 Uitsluitende doel is collectieve belegging in effecten of andere liquide activa4.2.3 Uit het publiek aangetrokken kapitaal4.2.4 Risicospreiding4.2.5 (In)directe inkoop of terugname4.2.6 Keuze of verplichting?4.2.7 Conclusie