Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/8.4:8.4 Afsluitende conclusie
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/8.4
8.4 Afsluitende conclusie
Documentgegevens:
mr. drs. E.C.A. Nass, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
mr. drs. E.C.A. Nass
- JCDI
JCDI:ADS85590:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Daar de hoofdregel voor een juridische fusie respectievelijk een splitsing is dat de fuserende respectievelijk splitsende partijen dezelfde rechtsvorm moeten hebben, kan het gewenst zijn de rechtsvorm van de verdwijnende dan wel verkrijgende maatschappij aan te passen. De verdwijnende maatschappij in het kader van een juridische fusie respectievelijk een splitsing kan zijn de 403-rechtspersoon dan wel de 403-aansprakelijke maatschappij.
Als een 403-rechtspersoon in het kader van een juridische fusie respectievelijk een splitsing de verdwijnende maatschappij is, is vanaf dat moment het groepsregime niet meer aan de orde. Voor de boekjaren van de 403-rechtspersoon tot het fusie- respectievelijk splitsingstijdstip, is het gebruik van het groepsregime voor de 403-groepsrechtspersoon in beginsel wél mogelijk, waarbij evenwel van invloed is met ingang van welk tijdstip de financiële gegevens van de 403-rechtspersoon bij de verkrijgende maatschappij zijn verwerkt en of al dan niet tot de intrekking van de 403-aansprakelijkstelling is overgegaan, en zo ja, wanneer. De na de werking van de intrekking van de 403-aansprakelijkstelling overblijvende aansprakelijkheid – de restaansprakelijkheid – kan alleen worden beëindigd indien er geen groepsband is of ontstaat tussen de 403-aansprakelijke rechtspersoon, de verkrijgende maatschappij en in geval van driehoeksfusie/-splitsing de aandelentoekennende groepsmaatschappij. De zienswijze dat als een 403-rechtspersoon de verdwijnende maatschappij is, daardoor altijd op het fusie-/splitsingsmoment de groepsband is verbroken, miskent dat als overgang van vermogen binnen een groep plaatsvindt, daardoor de groep niet wijzigt.
Als in het kader van een juridische fusie respectievelijk een splitsing een 403-aansprakelijke maatschappij de verdwijnende maatschappij is, blijft de 403-rechtspersoon bestaan en is deze 403-rechtspersoon ook geen partij in deze fusie (tenzij de 403-rechtspersoon de verkrijgende maatschappij is) respectievelijk geen partij in deze splitsing. Als in het fusie- respectievelijk splitsingsjaar vóór het fusie- respectievelijk splitsingsmoment tot de intrekking van de 403-aanspraklijkstelling is overgegaan, kan het groepsregime voor het laatste boekjaar als dit valt in het jaar van de fusie respectievelijk splitsing niet meer worden benut. De na de werking van de intrekking overblijvende aansprakelijkheid gaat voor zover nog aanwezig op het fusie- respectievelijk splitsingsmoment, over op de verkrijgende maatschappij. Beëindiging ervan is alleen mogelijk als er geen groepsband is.
Als niet tot intrekking is overgegaan, gaat de 403-aansprakelijkstelling over op de verkrijgende maatschappij. De zienswijze dat verplichtingen uit hoofde van een 403-verklaring van een verdwijnende 403-aansprakelijke maatschappij niet kunnen overgaan op een verkrijgende maatschappij omdat zij niet voor overgang vatbaar zijn, deel ik niet aangezien de 403-aansprakelijkstelling als een eigen verplichting van de verdwijnende maatschappij deel uitmaakt van haar onder algemene titel overgegane vermogen. Als na de vermogensovergang de verkrijgende maatschappij waarop de 403-aansprakelijkstelling is overgegaan, besluit deze in te trekken, kan zij de restaansprakelijkheid niet beëindigen omdat door de verkrijging de 403-rechtspersoon deel is gaan uitmaken van haar groep respectievelijk van de groep waartoe zij behoort.
Als sprake is van een voortbestaande splitsende 403-rechtspersoon, wordt de groepsband met de 403-aansprakelijke maatschappij niet verbroken en kan de 403-rechtspersoon gebruik blijven maken van het groepsregime, behoudens de intrekking van de 403-aansprakelijkstelling vlak voor de afsplitsing. De restaansprakelijkheid kan evenwel niet worden beëindigd.
Als de 403-aansprakelijke maatschappij de maatschappij is die tot afsplitsing overgaat, verandert er niets indien zij de aandelen in de 403-rechtspersoon en de 403-verklaring zelf houdt. De 403-aansprakelijkstelling kan zij natuurlijk intrekken in welk geval de 403-aansprakelijkheid restaansprakelijkheid wordt. Ook is het mogelijk dat de aandelen in de 403-rechtspersoon en/of de 403-verklaring worden afgesplitst. Het is dan de maatschappij waaraan is afgesplitst, die bepaalt of continuering van het groepsregime tot de mogelijkheden behoort.