Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020
Einde inhoudsopgave
Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020 (MSR nr. 77) 2021/2.5:2.5 1995: invoering kortdurende uitkering en gecombineerde toetredingseis
Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020 (MSR nr. 77) 2021/2.5
2.5 1995: invoering kortdurende uitkering en gecombineerde toetredingseis
Documentgegevens:
Datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
Kluwer
- JCDI
JCDI:ADS258892:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Sociale zekerheid werkloosheid (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 22 december 1994, Stb. 1994, 955 (voorbereid in Kamerstukken II 1994/95, 23985).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Circa acht jaar na de invoering was er een eerste grote wijziging van de WW met betrekking tot de referte-eisen en de duur. In hoofdstuk 3 wordt het sturingsinstrument van de referte-eis behandeld. In deze paragraaf ga ik echter ook in op de wijziging van de referte-eis, omdat de aanpassing van de uitkering(sduur) en de referte-eis zo sterk met elkaar samenhingen.
In de jaren voorafgaand aan de wetswijziging1 was de werkloosheid sterk toegenomen.2 Er werd meer beroep gedaan op de WW en de daaruit voortvloeiende stijging van de WW-uitgaven konden niet geheel worden doorberekend in de WW-premies. Dit zou volgens het kabinet tot hogere loonkosten en een daardoor verminderende werkgelegenheid leiden. In reactie daarop zouden de werkloosheid en het beroep op de WW weer stijgen, zodat een negatieve spiraal zou ontstaan van oplopende werkloosheid en oplopende uitgaven voor de WW. Het kabinet vond daarom dat maatregelen moesten worden getroffen ter voorkoming van de stijging van de collectieve lasten. Die maatregel kon niet een doorberekening in de premies naar de werknemers/werkgevers zijn, dus werd onder andere de referte-eis en de vorm van de uitkering aangepast.3
2.5.1 De wijzigingen in 1995 en de aangevoerde motieven2.5.2 Verlenging van de vervolguitkering in 1995