Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/2.4.4.2.2
2.4.4.2.2 FFC-rapport
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS493016:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Voetnoten
Voetnoten
IBFD-bundel 1963, p. 128.
Het belasten van goederen en diensten in het land waar het verbruik of de consumptie plaatsvindt, ongeacht waar de goederen of diensten zijn ‘geproduceerd’.
Het belasten van goederen en diensten in het land waar de goederen of diensten zijn ‘geproduceerd’, ongeacht waar het verbruik of de consumptie plaatsvindt.
IBFD-bundel 1963, p. 124. De FFC merkt op dat, daar waar het oorsprongslandbeginsel wordt geambieerd, er geen noodzaak bestaat fiscale grenzen te handhaven en geen vrijstellingen of belastingteruggaven dienen plaats te vinden als goederen of diensten de grens over gaan. Het vasthouden aan het bestemmingslandbeginsel gaat daarentegen wel uit van het bestaan van fiscale grenzen, waarbij goederen of diensten die de grens over gaan vrij dienen te zijn van belasting en dienen te worden belast in het land van aankomst/consumptie (IBFD-bundel 1963, p. 146-147).
IBFD-bundel 1963, p. 124 en p. 126. Het hanteren van verschillende belastingtarieven zou namelijke verstoringen in de hand werken, met name daar waar het de internationale handel betreft (IBFD-bundel 1963, p. 147). Daarnaast zou het rechtskarakter van de omzetbelasting als verbruiksbelasting in het geding kunnen komen (Kamerstukken II 1965/1966, 8556, nr. 2 (Nota over de harmonisatie van belasting in de Europese Gemeenschap), p. 6 (rk)).
IBFD-bundel 1963, p. 125.
IBFD-bundel 1963, p. 148.
Het FFC-rapport bevat de bevindingen van het door de Fiscale en Financiële Commissie (‘FFC’) van de Europese Commissie verrichte onderzoek op het gebied van belemmeringen ten aanzien van een gemeenschappelijke markt binnen de EU. Een van de onderzoeksonderwerpen betrof de indirecte belastingen. Omdat de werkgroepen A, B en C al bezig waren met een (uitgebreid) onderzoek naar omzetbelastingsystemen in de EU, beperkt de FFC zich tot het onder de aandacht brengen van een aantal bezwaren van de toen in de EU geldende omzetbelastingsystemen en het aandragen van alternatieven.1
De FFC was het met de werkgroepen eens dat het noodzakelijk (en urgent) was om cumulatieve omzetbelastingsystemen (cascadestelsels) in de EU de kop in te drukken. De FFC onderschreef de conclusies uit het ABC-rapport, namelijk dat dergelijke omzetbelastingsystemen concurrentievervalsend uitpakken, verticale bedrijfsconcentraties in de hand spelen en internationale handel belemmeren. De FFC stelde vervolgens dat de keuze voor een nieuwe omzetbelasting zou moeten afhangen van het uitgangspunt dat men zou hebben: het vasthouden aan het bestemmingslandbeginsel2 of het overstappen naar oorsprongslandbeginsel.34 Na een voorkeur te hebben uitgesproken voor het eerbiedigen van het oorsprongslandbeginsel, verklaart de FFC zich voorstander van een algemene, niet-cumulatieve (netto) omzetbelasting: een btw. Omdat het oorsprongsbeginsel tot uitgangspunt wordt genomen zou echter wel zo veel mogelijk moeten worden gestreefd naar uniformiteit ten aanzien van tarieven, vrijstellingen, verschuldigdheid, enzovoorts en zouden lidstaten de vrijheid moeten hebben om een additionele en complementaire omzetbelasting te introduceren in de kleinhandelsfase.5 Anders dan de werkgroepen sprak de FFC echter wel een voorkeur uit voor de ‘base on base’-benadering boven een ‘tax on tax’-benadering, maar merkte daarbij op dat wanneer het bestemmingslandbeginsel zouden worden gehanteerd, zowel een ‘base on base’- als een ‘tax on tax’-aftreksystematiek zou kunnen worden gehanteerd.6 Samengevat:7
“It is appropriate to recall at this point that all attempts at harmonization in this field must start from the necessity of abolishing gross turnover tax at all stages, and that the general application of a net turnover system to all stages in the Common Market requires the adoption of a ‘base on base’ deduction.”