Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/3.4:3.4 Afsluitende conclusie
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/3.4
3.4 Afsluitende conclusie
Documentgegevens:
mr. drs. E.C.A. Nass, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
mr. drs. E.C.A. Nass
- JCDI
JCDI:ADS85582:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Daar de instemmingsvoorwaarde als achtergrond heeft de bescherming van degenen die in een minderheidspositie tot de rechtspersoon staan, verdient het aanbeveling te bepalen dat ook anderen met vergaderrechten met het gebruik van de regeling moeten instemmen, maar in ieder geval certificaathouders van certificaten die met medewerking van de rechtspersoon zijn uitgegeven.
Anders dan in de unitaire regeling kan van het groepsregime gebruik worden gemaakt zonder dat alle instemmingsgerechtigden met het gebruik ervan hebben ingestemd door niet tot vaststelling van de jaarrekening over te gaan. Ook omdat niet duidelijk is welke aandeelhouders, leden of vennoten naar welk moment met het gebruik van het groepsregime moeten instemmen en op welk moment uiterlijk die instemming gegeven moet zijn, is het gewenst dat hierover duidelijkheid in de regeling komt. Die duidelijkheid is er indien bepaald zou worden dat de instemmingsgerechtigden degenen zijn die aandeelhouder, lid of vennoot zijn op het moment dat over de vaststelling van de jaarrekening wordt beslist dan wel als op het moment dat de jaarrekening gedeponeerd had moeten worden, geen vaststelling heeft plaatsgevonden, op dát moment. Daarmee wordt bereikt dat de instemmingen er uiterlijk moeten zijn op de dag waarop zonder gebruikmaking van het groepsregime, de jaarrekening had moeten worden gedeponeerd.
Voor stichtingen die onder Titel 9 Boek 2 BW vallen, moeten de bewoordingen van de instemmingsvoorwaarde worden aangevuld met de zinsnede dat instemming is vereist van al degenen die ten tijde van de vaststelling van de jaarrekening deel uitmaken van het tot vaststelling van de jaarrekening bevoegde orgaan, dan wel als op het moment dat de jaarrekening gedeponeerd had moeten worden geen vaststelling heeft plaatsgevonden, op dát moment.
Een oplossing voor de complicaties die aan de orde kunnen zijn bij een groot aantal instemmingsgerechtigden zou kunnen worden gevonden door de instemming niet te verlangen van 100% van de vergadergerechtigden maar bijvoorbeeld van een grens van 95%, mij daarbij realiserend dat zulks zonder richtlijnwijziging niet mogelijk is voor de onder die richtlijn vallende vennootschappen.
Om te waarborgen dat de instemmingsverklaringen toegankelijk zijn voor de vrij te stellen groepsrechtspersoon en de belanghebbenden bij deze rechtspersoon zou mijns inziens aan de wettelijke regeling een taaleis moeten worden toegevoegd, aansluitend op het vereiste dat geldt voor de geconsolideerde jaarrekening, de accountantsverklaring en het bestuursverslag.