Einde inhoudsopgave
Misleidende beursberichten (IVOR nr. 124) 2022/6.4.4.6
6.4.4.6 Vergoeding van gederfd rendement
mr. drs. A.C.W. Pijls, datum 01-07-2022
- Datum
01-07-2022
- Auteur
mr. drs. A.C.W. Pijls
- JCDI
JCDI:ADS655766:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Is per saldo sprake van een stijgend koersverloop over het tijdvak van de misleiding, dan zou eventueel ook (vergoeding van) de door de belegger betaalde koersinflatie kunnen worden opgevat als (vergoeding van) gederfd rendement. Zulk gederfd rendement dient mijns inziens zonder meer voor vergoeding in aanmerking te komen. Het gederfde rendement waar het in deze paragraaf echter om gaat, is gederfd rendement dat eventueel zou zijn behaald op alternatieve beleggingen in de hypothetische situatie zonder misleiding.
Ik wijs erop dat er in de lagere rechtspraak een paar voorbeelden zijn te vinden waarin vergoeding van gederfde winst is toegewezen bij misleiding in het kader van een face-to-face-transactie.
Zie voor de eerstgenoemde belegger § 5.5.2.3 sub f en voor de laatstgenoemde belegger § 5.5.3.2 sub b.
Anders Franx 2017, p. 256-258, die van mening is dat gederfd rendement op (hypothetische) alternatieve beleggingen wel voor vergoeding in aanmerking dient te komen.
Over de vergoeding van gederfd rendement dat de eisende belegger in de hypothetische situatie zonder misleiding op alternatieve beleggingen eventueel zou hebben behaald, kan ik kort zijn.1 Naar Amerikaanse recht wordt in geval van misleiding bij publiek verhandelde effecten (fraud-on-the-market) dergelijke schade niet gecompenseerd.2 Bij aansprakelijkheid op grond van de Securities Act volgt dit direct uit de wettelijke schadebegrotingsmaatstaven van Section 11(e) respectievelijk Section 12 Securities Act. Bij aansprakelijkheid op grond van SEC-regel 10b-5 volgt dit uit (schadevaststelling via) de out-of-pocket-maatstaf. Volgens deze maatstaf komt slechts de koersinflatie op het moment van aankoop voor vergoeding in aanmerking en dat betekent dat er geen ruimte is voor vergoeding van gederfd rendement op (hypothetische) alternatieve beleggingen. Voor het Nederlandse recht sta ik dezelfde benadering voor. Zowel de belegger die ook bij afwezigheid van de misleiding het litigieuze aandeel zou hebben gekocht, maar dan tegen een gunstigere prijs, als de belegger die bij afwezigheid van de misleiding het aandeel in het geheel niet zou hebben gekocht, dient mijns inziens niet te worden gecompenseerd voor gederfd rendement op (hypothetische) alternatieve beleggingen.3,4