Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/3.2.1.1
3.2.1.1 Leidsch rapport volksonderwijs 1796
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS976984:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
C. Rogge, De armen, kinderen van den Staat. Of onderzoek nopens de verpligting van het Goevernement om den armen te verzorgen, Leyden: Mortier 1796, p. 29 e.v.
Ibid., p. 110; Geschiedenis der staatsregeling, voor het Bataafse volk, Amsterdam: J. Allart 1799.
Douma 1922, p. 75-76, 119; J.L. van Gelder, Wetgeving op het L.O. binnen Leyden, Leyden.
Douma 1922, p. 110; W. Bartjens, De Cijfferinghe van Willem Bartiens van Amsterdam 1604.
Een Liefhebber van de waare Vryheid, Korte Schets der Nederlandsche Historien tot op Willem den Vden, Amsterdam: P. van Dort 1780.
Douma 1922, p. 121.
Curs.W. J.H. Swildens, Vaderlandsch A-B Boek voor de Nederlandsche jeugd, Amsterdam: Holtrop 1781. Douma noemt dit ‘A-B-C’ (p. 119); vgl. P.J. Buijnsters, ‘Traditie en vernieuwing. Nederlandse ABC-boeken uit de achttiende eeuw´, in: J. ter Linden, A is een Aapje. Opstellen over ABC-boeken van de vijftiende eeuw tot heden, Amsterdam: Querido 1995, p. 55-72.
Douma 1922, p. 116-119; J.H. Swildens, Fragment nopens de hoogere Doeleinden des Revolutionairen Oorlogs, en deszelfs invloed op de belangen van Godsdienst en Staat, Amsterdam: E & W 1803.
J. Wagenaar, Kort begrip der Vaderlandsche historie, Amsterdam: Tirion 1765; Douma 1922, p. 83, 120.
A-B Boek, p. A2.
Ibid., p. A4.
Ibid., p. B2; Kloek & Mijnhardt 2002, p. 163.
De stedelijke overheden vervullen de door het Gouvernement opgedragen verantwoordelijkheid voor het volksonderwijs en de armenzorg.1 Zo stelt de gemeenteraad van Leiden in 1796 een commissie in ter verbetering van het onderwijs op de in 1719 gestichte Stads-Arm-kinderscholen.2 Het advies in het Rapport over den Staat en de middelen ter verbetering der Lagere Scholen (‘het Leidsche rapport’) van 1796 heeft betrekking op de naamsverandering van de scholen in ‘Openbare Schoolen’.3 Verder maakt de commissie zonder omhaal van woorden melding van het klassikale drilgedrag van leerlingen bij het cijferen. Rekenmeester Bartjens omschrijft dit met: ze klapten ‘als Papegaaien’.4 Van de spel- en leesboekjes moet de Korte Schets der Nederlandsche Historiën tot op Willem den Vden het ontgelden door de ‘leugenachtige en partijdige passages’, waarin ‘de ware en valsche lof van het huis van Oranje wordt uitgemeten’.5
Vaderlandsch A-B-Boek 1781: de inrichting van de Staat
De Leidse commissie constateert bij de leerlingen ook een gebrek aan kennis van de rechten en plichten van mens en burger. ‘Enige oppervlakkige en verstaanbare kennis van de rechten en plichten van Mensch en Burger en eenige kennis van de geschiedenis des Vaderlands (regeeringsvormen)’ is ter lering aanbevolen’.6 Ook beveelt de commissie het Vaderlandsch A-B Boek voor de Nederlandsche jeugd aan, met ‘de plichten van den mensch, God en godsdienst en de inrichting van den Staat’7 en Swildens' Burgerbelangboekjes.8 Voor de geschiedenis van de Bataafse Republiek is Wagenaars ‘Kort begrip der Vaderlandsche historie’ (1765) aanbevolen.9 Het Vaderlandsch A-B Boek voor de Nederlandse jeugd schrijft over Burger en Eendragt: ‘Burger gy beschermt de Stad. Stel hierin uw eer. Dit moet ieder Burger doen, ook de grootste Heer’. Verder vermeldt Swildens: […] ‘Daarenboven moet elk Nederlandsch Burger altyd gezind zijn en bereid zyn om zyne Stad te helpen beschermen. Alle Kinderen […] moeten leeren dat zy aankomende Burgers en Burgeressen zyn. De lust om met het snaphaantje (d.w.z. vuurwapen met snaphaanslot) te speelen moet in de Knaapjes aangekweekt worden. De Meisjes moeten vermaak scheppen in zulk een spel te zien’.10 Bij Eendragt staat: ‘De Eendragt […] is de eerste Vaderlandsche Deugd. De kindertjes speelen eendragtig rondom het Standbeeld. De Staaten gaan naar de eendragtige Vergadering’11 en ‘Neêrland is uw Vaderland. Veilig woont ge er in. Als gy groot zyt, hebt gy daar ook uw huisgezin’.12