Billijkheidsuitzonderingen
Einde inhoudsopgave
Billijkheidsuitzonderingen (SteR nr. 40) 2018/6.2:6.2 Algemeen kader van het bestuursrecht
Billijkheidsuitzonderingen (SteR nr. 40) 2018/6.2
6.2 Algemeen kader van het bestuursrecht
Documentgegevens:
mr. F.S. Bakker, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. F.S. Bakker
- JCDI
JCDI:ADS355934:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Over art. 6:2 lid 2 BW gaat hoofdstuk 4, par. 4.2.1. Het bestuursrecht kent wel een voorschrift dat uitzonderingen op beleidsregels toestaat, namelijk art. 4:84 Awb (waarover par. 6.6).
Voorbeelden van handboeken waarin een dergelijke algemene bevoegdheid niet aan de orde komt zijn De Haan & Drupsteen & Fernhout/Schlössels & Zijlstra 2010; Schlössels/Stroink 2013; Van Wijk/Konijnenbelt & Van Male 2014.
Par. 6.3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het bestuursrecht kent geen wettelijke algemene uitzonderingsbevoegdheid (waarvoor de aangewezen plaats overigens de Awb zou zijn; vergelijk art. 6:2 lid 2 BW in het civiele recht).1 Een dergelijke algemene bevoegdheid is ook niet op ongeschreven gronden in jurisprudentie of doctrine aanvaard. Illustratief is dat de meeste bestuursrechtelijke literatuur niet ervan rept.2 Wel geaccepteerd zijn specifiekere uitzonderingen, zoals contra-legemwerking van algemene beginselen van behoorlijk bestuur en het fiscaalrechtelijke leerstuk fraus legis – deze en meer voorbeelden komen later in dit hoofdstuk ter sprake.3
Dat een algemene billijkheidsuitzondering in het bestuursrecht niet is aanvaard, heeft van doen met de karakteristieken van dit rechtsgebied, waaronder de centrale positie van wetgeving (par. 6.2.1). Toch kwamen er rond 1990 uit de doctrine geluiden dat er een algemene, ongeschreven uitzonderingsbevoegdheid bestaat of zou moeten bestaan, en nog steeds hebben enkele auteurs die opvatting, hoewel zij niet de heersende leer verkondigen (par. 6.2.2). De bestuursrechter heeft andere middelen ter voorkoming van evident onbillijke beslissingen door strikte toepassing van wetgeving, die zijn behoefte aan uitzonderingen beperken (par. 6.2.3).
6.2.1 De centrale plaats van wetgeving in het bestuursrecht6.2.2 Stelling van sommigen: het bestuursrecht kent een ongeschreven uitzonderingsbevoegdheid6.2.3 Behoefte aan bestuursrechtelijke billijkheidsuitzonderingen6.2.4 Afsluitend over het algemene kader van het bestuursrecht