Einde inhoudsopgave
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/6.3.2.2
6.3.2.2 Standpunt op het oog, geweten dat het pleitbaar en daarmee mogelijk onjuist was, maar verondersteld dat het uiteindelijk juist zou zijn
dr. mr. M.M. Kors, datum 21-11-2016
- Datum
21-11-2016
- Auteur
dr. mr. M.M. Kors
- JCDI
JCDI:ADS569913:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Vergelijk HR (strafkamer) 2 september 2014, NJ 2014/395, ECLI:NL:HR:2014:2574, r.o. 3.3, alsmede de daaraan voorafgaande conclusie van A-G Aben van 27 mei 2014, ECLI:NL:PHR:2014:1416, r.o. B.4; Hof Arnhem (strafkamer) 4 mei 2010, ECLI:NL:GHARN:2010:BM3219.
Anders: Hof Amsterdam (strafkamer) 25 november 2003, ECLI:NL:GHAMS:2003:AN9010, r.o. 15: “.. dat de verdachte op zijn minst de aanmerkelijke kans heeft genomen dat zijn standpunt… niet het standpunt van de belastingdienst zou zijn en daardoor onjuist. Door vervolgens zich toch op het standpunt te stellen…handelde hij met het voor de vervulling van de delictsomschrijving vereiste – zij het voorwaardelijke – opzet.”
Opzet kan bij een onjuiste, maar pleitbare aangifte echter niet worden vastgesteld als de belastingplichtige op het moment van het doen van de aangifte ervan uit is gegaan dat het in de aangifte ingenomen standpunt pleitbaar en daarmee mogelijk onjuist was, maar uiteindelijk heeft verondersteld dat hij met zijn standpunt gelijk zou krijgen en zijn op het standpunt gebaseerde aangifte toch wel juist zou zijn.12
Een belastingplichtige vennootschap die na alle argumenten te hebben afgewogen uiteindelijk tot de conclusie is gekomen dat er weliswaar een mogelijkheid bestaat dat een dividenduitkering ontvangen van een buitenlandse hybride deelneming niet onder de deelnemingsvrijstelling valt, maar dat, al dan niet op grond van een advies, die mogelijkheid niet als reëel is te beschouwen en op grond van die conclusie in haar aangifte een beroep op de deelnemingsvrijstelling heeft gedaan heeft, als de dividenduitkering toch niet onder de deelnemingsvrijstelling blijkt te vallen, haar onjuiste aangifte niet met voorwaardelijk opzet gedaan.