Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/6.8.1
6.8.1 Inleiding
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949840:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Afdeling 3.5.1A Wft.
Zij moeten natuurlijk wel de informatie aanleveren waaruit DNB kan afleiden of contact met andere toezichthouders noodzakelijk is.
Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings-en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II) (herschikking), PbEU 2009, L 335.
Art. 39 lid 1 eerste alinea Solvency II richtlijn.
Op grond van art. 288 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is een richtlijn verbindend ten aanzien van het te bereiken resultaat voor elke lidstaat waarvoor zij bestemd is, doch wordt aan de nationale instanties de bevoegdheid gelaten vorm en middelen te kiezen. Hierin wordt de verplichting gelezen voor nationale wetgevers van de lidstaten van de Europese Unie, om richtlijnen te implementeren in de nationale regels. Elke lidstaat moet art. 39 Solvency II richtlijn dus in de nationale regels implementeren.
EIOPA is één van de drie sectorale Europese toezichthoudende autoriteiten. Voor het bankbedrijf is er de European Banking Authority (‘EBA’), voor het effectenbedrijf de European Securities and Markets Authority (‘ESMA’) en voor verzekeringen en pensioenen de European Insurance and Occupational Pensions Authority (‘EIOPA’). Zij houden zich bezig met het microprudentieel toezicht. Daaronder valt ook het gedragstoezicht dat in Nederland aan de AFM is opgedragen. Zie over EIOPA Grundmann-van de Krol 2022, nr. 325 en 331.
Volgens Boshuizen en Jager 2010, p. 59 dateert de eerste versie van het protocol van 30 oktober 1997.
Annex to BoS decision on the collaboration of the insurance supervisory authorities of the member states of the European Economic Area (EIOPA-BOS-21-234), EIOPA-BoS-21-235, 10 juni 2021. De in de volgende voetnoot vermelde beslissing van de Board of Supervisors, met aangehecht deze annex, is te raadplegen op de website https://www.eiopa.europa.eu/document-library/protocols/decision-collaboration-of-insurance-supervisory-authorities_en.
EIOPA Decision of the Board of Supervisors on the Collaboration of the insurance supervisory authorities of the Member States of the European Economic Area, EIOPA-BoS-21-234, 10 juni 2021.
December 2020 EIOPA ‘Peer Review on EIOPA’s Decision on the collaboration of the insurance supervisory authorities’, p. 27-30. Zie voor het onderzoeksrapport https://www.eiopa.europa.eu/content//peer-review-eiopa-decision-collaboration-insurance-supervisory-authorities_en.
Het onderdeel van de Wft waarin de portefeuilleoverdracht wordt geregeld,1 bevat een aantal bepalingen op grond waarvan DNB bij bepaalde portefeuilleoverdrachten contact moet zoeken met toezichthouders van andere lidstaten van de Europese Unie. DNB legt dat contact zelf. De betrokken verzekeraars hebben wat dat betreft geen taak.2
Veel van de desbetreffende voorschriften in de Wft vinden hun ‘grondslag’ in art. 39 van de Solvency II richtlijn.3 De ‘hoofdregel’ van art. 39 is dat de toezichthouder op wiens grondgebied de overdragende verzekeringsonderneming is gevestigd de toezichthouder is die toestemming verleent voor een portefeuilleoverdracht.4 De nationale wetgeving van de lidstaten moet daarover dus een regeling bevatten.5 In het artikel wordt vervolgens geregeld wanneer het advies of de instemming van de toezichthouder van een andere lidstaat vereist is. In de nationale regels van de lidstaten moet dus ook zijn geïmplementeerd wanneer de toezichthouder advies of instemming van een andere toezichthouder moet vragen.
De European Insurance and Occupational Pensions Authority (‘EIOPA’)6 heeft een protocol opgesteld met praktische afspraken over de wijze waarop die onderlinge contacten tussen toezichthouders van de lidstaten verlopen (‘EIOPA Protocol’). Er zijn in de loop der tijden meerdere versies van dit protocol gepubliceerd,7 de op dit moment laatste versie werd gepubliceerd op 30 juni 2021. Deze nieuwe versie8 trad volgens de beslissing van de Board of Supervisors van EIOPA in werking op 1 juli 2021.9 Op het gebied van portefeuilleoverdrachten regelt het EIOPA Protocol met name welke informatie een toezichthouder moet verstrekken aan de toezichthouder waarmee hij contact legt.
Dit EIOPA Protocol werd in 2021 gewijzigd, onder meer naar aanleiding van de uitkomsten van een door EIOPA gehouden onderzoek waarin toezichthouders vragen kregen voorgelegd over de onderlinge samenwerking (‘EIOPA Peer Review’).10 Uit dit onderzoek van EIOPA vloeiden geen aanbevelingen voort over het proces van onderlinge samenwerking bij portefeuilleoverdrachten. De pagina’s in het onderzoeksrapport over portefeuilleoverdracht zijn desalniettemin interessant.
Hierna behandel ik de redenen van DNB om contact te leggen met toezichthouders van andere lidstaten in het kader van een portefeuilleoverdracht, en wat mij dienaangaande opviel in het EIOPA Protocol en de EIOPA Peer Review.