Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/13.11.2
13.11.2 Verwijzing is een autonoom begrip
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS413184:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 16 maart 1999, zaak C-159/97, Castelletti/Trumpy, Jur. 1999, p. 1-1597, NJ 2001, 116; Van Wechem, Toepasselijkheid van algemene voorwaarden, p. 107 en 151.
Van Wechem, Toepasselijkheid van algemene voorwaarden, p. 119.
HR 28 januari 2005, NJ 2006, 517, NIPR 2005, 133 (Vergo/Grootscholten).
Voor internationale verhoudingen zie echter art. 6:247 BW; zie Kuypers, WPNR (6059), 1994, p. 592-597.
Dit artikel is in internationale gevallen overigens vaak niet van van toepassing ingevolge het bepaalde in art. 6:247 BW; hierover: Kuypers, Enige aspecten van internationaal privaatrecht bij het opstellen en gebruiken van algemene voorwaarden, WPNR (6059) 1994, p. 592-597.
Killias, Gerichtsstandsvereinbarungen, p. 154; Killias, Festschrift fik Kurt Siehr, p. 68; Rb. Amsterdam 19 januari 1977, NJ 1977, 576; Rb. Breda 30 maart 1993, (Chroomlederfabriek Schenkers BV/ Hartjes Gesellschaft mbH), rolnr. 3623/92, n.g. Rb. Arnhem 24 december 1993, NIPR 1993, 300; Rb. Haarlem 22 december 1998, NIPR 1999, 84; onjuist is derhalve de redenering in Rb. Amsterdam 13 januari 1999, rolnr. H 911.4293, (Florist De Kwakel BV/Fratelli Gallo Snc), n.g., kenbaar uit Hof Amsterdam 29 juni 2000, NIPR 2000, 298.
Westenberg, WPNR (5846), 1987, p. 569; Rb. Rotterdam 7 september 2000, NIPR 2001, 56; Hof 's-Hertogenbosch 11 januari 2001, rolnr. C 99/395, UN AA 9598, NIPR 2001, 289; Rb. Rotterdam 22 november 2001, NIPR 2002, 130; Rb. Rotterdam 16 maart 2005, JBPr 2005, 59; Hof ' s-Hertogenbosch 24 oktober 2006, NIPR 2007, 39.
Rb. Amsterdam 17 november 1977, Serie D I-17.1.2-B 13; Pres. Rb. Dordrecht 3 oktober 1991, KG 1991, 402 (vgl. met goede redenering Rb. Almelo 21 juni 1989, NIPR 1989, 468); Pres. Rb. Zutphen 29 november 1993, KG nr. 278/93, (Mastenbroek/Maurer und Siihne Rauch und Wametechnik GmbH & Co. KG) Hof 's-Hertogenbosch 19 november 1996, NIPR 1996, 123 redeneert onjuist door in r.o. 4.4 voor totstandkoming van de forumkeuze te verwijzen naar het Weense Koopverdrag; Rb. Amsterdam 13 januari 1999, kenbaar uit Hof Amsterdam 29 juni 2000, NIPR 2000, 298; Rb. Rotterdam 12 augustus 1999, NIPR 2000, 45 (commuun internationaal privaatrecht); Hof ' s-Hertogenbosch 3 april 2001, NIPR 2001, 290 die bovendien de vergissing begaat de totstandkoming van de forumkeuze te toetsen aan de lex causae in plaats van aan art. 17 EEX; Rb. Arnhem 15 november 2001, NIPR 2002, 274; Rb. Arnhem 23 mei 2002, 278, die bestendige gebruiken verwart met lopende handelsbetrekkingen; Rb. Arnhem 5 september 2002, NIPR 2003, 49; zie echter (uitdrukkelijk!) met de goede redenering Hof 's-Hertogenbosch 11 januari 2001, rolnr. C 99/395, LIN AA 9598, NIPR 2001, 289; Hof 's-Gravenhage 7 november 2000, NIPR 2001, 44; Pres. Rb. Leeuwarden 7 november 2000, NIPR 2001, 214; Rb. Arnhem 17 maart 2004, NIPR 2004, 240; Rb. Arnhem 30 maart 2004, NIPR 2004, 261; Rb. Arnhem 16 november 2005, NIPR 2006, 52; Rb. Arnhem 19 juli 2006, NIPR 2006, 314; Vzr. Rb. Utrecht 18 april 2006, NIPR 2006, 322; Ktr. Arnhem 15 januari 2007, NIPR 2007, 141 (met verwijzing naar art. 6:233 sub b BW).
HvJ EG 11 juli 1985, zaak 221/84, Jur. 1985, p. 2699, NJ 1986, 602, r.o. 8.
Par. 12.3.
Voor toepasselijkheid van algemene voorwaarden naar Nederlands recht zie: Webb/Meijer, adv.bl. 2002, p. 72 e.v.; Rb. Rotterdam 7 september 2000, NIPR 2001, 56; Rb. Arnhem 23 mei 2002, NIPR 2002, 278; Rb. Arnhem 5 september 2002, NIPR 2003, 49 gaat ten onrechte nog verder door een cumulatieve toets uit te voeren: eerst toepasselijkheid van algemene voorwaarden gevolgd door vormvoorschriften van art. 23 EEX-V°. Deze toets is derhalve evenmin juist.
Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag kent het begrip 'verwijzing' niet en stelt daarom geen voorwaarden aan een verwijzing. Dat betekent echter niet dat iedere verwijzing voldoende is voor een rechtsgeldige forumkeuze in de zin van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag. Een voldoende duidelijke en nauwkeurige verwijzing is een voorwaarde voor de rechtsgeldigheid van een forumkeuze. De vraag of een verwijzing naar een forumkeuze leidt tot een rechtsgeldige aanwijzing van de bevoegde rechter gaat over de totstandkoming van een forumkeuze. De verwijzing hangt daardoor zowel nauw samen met de naleving van de vormvoorschriften als de wilsovereenstemming. De verwijzing hangt enerzijds nauw samen met de vormvoorschriften, omdat de stukken waarin wordt verwezen naar de forumkeuze deel uitmaken van vorm. Datzelfde geldt voor de stukken waar naar wordt verwezen en die de forumkeuze vermeldt, omdat in de stukken met de verwijzing geen forumkeuze voorkomt. De verwijzing hangt nauw anderzijds samen met wilsovereenstemming, omdat de wilsovereenstemming de forumkeuze moet omvatten. Als de verwijzing onvoldoende duidelijk en nauwkeurig is, zal de wederpartij van de verwijzer de forumkeuze niet kennen of behoren te kennen en daardoor niet aan de forumkeuze zijn gebonden.
De vormvoorschriften en de overeenkomst van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag zijn autonome begrippen. De verwijzing is met beide nauw verbonden en dient daarom mijns inziens eveneens autonoom te worden uitgelegd.1 De vraag of een verwijzing voldoende is voor een rechtsgeldige forumkeuze dient daarom uitsluitend te worden beantwoord aan de hand van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag. Deze bepaling kent eigen vereisten voor de totstandkoming van een forumkeuze. De vraag of andere bepalingen van de (hoofd)overeenkomst eveneens onderdeel uitmaken van de wilsovereenstemming, is een vraag van materieel recht. Of bijv. (algemene) voorwaarden, waarin ook een forumkeuze voorkomt, door een verwijzing onderdeel vormen van de wilsovereenstemming, dient te worden beantwoord op basis van de lex causae en - indien toepasselijk - het Weens Koopverdrag 1980.23 Bij internationale koopovereenkomsten is - indien van toepassing - namelijk het Weens Koopverdrag 1980 doorslaggevend voor de vraag of een partij heeft ingestemd met de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden.4
De totstandkoming van de forumkeuze - als onderdeel van de algemene voorwaarden is dus uitsluitend afhankelijk van de uitleg van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag. Indien het Haags Forumkeuzeverdrag van toepassing is, bepaalt dit verdrag of de verwijzing naar de forumkeuze voldoende is voor een rechtsgeldige forumkeuze. In het Nederlandse commune internationaal privaatrecht is art. 8 Rv doorslaggevend en niet de lex causae. Naar Nederlands recht vindt bijv. beoordeling van de toepasselijkheid van algemene voorwaarden in beginsel plaats aan de hand van art. 6:233 sub b BW.5 Uitgangspunt voor de toepasselijkheid is dat de algemene voorwaarden voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand zijn gesteld.6 Art. 23 EEX-V°/17 Verdrag, het Haags Forumkeuzeverdrag en 8 Rv kennen deze voorwaarde niet. Voor een rechtsgeldige forumkeuze gelden slechts de vormvoorschriften van art. 23 lid 1 EEX-V°/17 Verdrag en de voorwaarde dat wilsovereenstemming is bereikt.
Andere stukken of (algemene) voorwaarden kunnen daarom door een verwijzing deel uitmaken van de overeenkomst en de forumkeuze niet. Het omgekeerde is eveneens mogelijk. Totstandkoming van een forumkeuze en incorporatie van andere stukken - zoals algemene voorwaarden - in de overeenkomst behoeven derhalve niet samen te vallen 7 Toetsing aan de vormvoorschriften van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag en toepasselijkheid van algemene voorwaarden mogen niet over één kam worden geschoren.8 In de rechtspraak gebeurt dat ten onrechte vaak door de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden als voorwaarde te stellen voor de rechtsgeldigheid van de forumkeuze. Gerechten vereenzelvigen ten onrechte dan de vraag van toepasselijkheid van algemene voorwaarden met de vraag of een rechtsgeldige forumkeuze tot stand is gekomen.9
Dit verschil kan worden afgeleid uit het arrest Berghbfer/ASA.10 Daarin heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat een verwijzing naar algemene voorwaarden met een forumkeuze in een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst kan leiden tot toepasselijkheid van de algemene voorwaarden, maar niet een geldige forumkeuze tot gevolg heeft. De forumkeuze heeft als contractuele bepaling in de algemene voorwaarden een 'status aparte' en dient als zodanig separaat te worden behandeld. Een forumkeuze heeft immers eigen vormvoorschriften en art. 23 EEX-V°/17 Verdrag kent een autonome definitie van het begrip 'overeenkomst'11 die niet hetzelfde zijn als voorwaarden die naar Nederlands recht gelden voor toepasselijkheid van bijv. algemene voorwaarden.12