Het vertrouwensbeginsel bij de interstatelijke samenwerking in strafzaken
Einde inhoudsopgave
Het vertrouwensbeginsel bij de interstatelijke samenwerking in strafzaken (SteR nr. 31) 2016/11.1:11.1 Schets van de invloed van mensenrechtelijke normen op interstatelijke samenwerking in strafzaken: de benadering van het EHRM
Het vertrouwensbeginsel bij de interstatelijke samenwerking in strafzaken (SteR nr. 31) 2016/11.1
11.1 Schets van de invloed van mensenrechtelijke normen op interstatelijke samenwerking in strafzaken: de benadering van het EHRM
Documentgegevens:
Thomas Kraniotis, datum 01-08-2016
- Datum
01-08-2016
- Auteur
Thomas Kraniotis
- JCDI
JCDI:ADS456976:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het EVRM is in dit hoofdstuk het vertrekpunt. De bepalingen van het EVRM worden vanzelfsprekend ook door de nationale rechter geïnterpreteerd en toegepast, maar de interpretatie en toepassing door het EHRM is uiteindelijk bindend in een concrete casus en in het algemeen het meest gezaghebbend. De benadering door het EHRM zal daarom voor elk van de drie basismodellen voorop staan.
11.1.1 Mensenrechten en uitlevering11.1.2 Mensenrechten en overdracht van executie11.1.3 Mensenrechten en kleine rechtshulp of overdracht van strafvervolging